Ombudsman van NRC trapt ná.

Van: Robert van Waning Verzonden: vrijdag 25 december 2020 14:02
Aan: Sjoerd de Jong ; Red NRC Lezer schrijft <lezerschrijft@nrc.nl>
Onderwerp: Re: NRC Ombudsman trapt weer na (3). (NRC 19.12.2020)

Beste Heer De Jong,

U deed verslag van een conversatie met een kritische NRC-lezer ipv een correspondentie. Belangrijk verschil? Nee, natuurlijk.

U schreef:
“Ondernemer Sloot zelf is kortaf door de telefoon: dit is allemaal „niet spannend”. Hij blijft erbij dat het interview niet klopt  en zegt dat hij nog op antwoord van de krant wacht. Daar heeft hij een punt, want zijn gegevens waren in het gesprek genoteerd en hij zou nog iets horen. Bij deze dus.

Was dat het weerwoord dat u hem gunde? Voldeed u daarmee aan normen van fatsoen en journalistiek? Volgens mij wederom niet en daarom reageerde ik.

U schrijft iedere week een te lang verhaal in mijn avondkrant. Ik reageer daar soms op, omdat ook journalistiek nu eenmaal tegenspraak verdient. Hoezo obsessie?

Overigens ben ik van mening dat iemand niet tegelijk redacteur, opiniemaker én ombudsman van een krant kan zijn. 

U bent voornamelijk bezig om de belangen van uw werkgever te behartigen. Die vindt dat natuurlijk prima. Thom Meens was destijds zo dom om als ombudsman op te komen voor lezers van de Volkskrant. Dat kostte hem zijn kop. De hoofdredacteur koos daarna zelf diens opvolger. 

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning,
Amstelveen.


Van: Sjoerd de Jong Verzonden: vrijdag 25 december 2020 12:48
Aan: Robert van Waning
Onderwerp: RE: NRC Ombudsman trapt weer na (3). (NRC 19.12.2020)

Beste heer Waning,

Ook in hate-mail die obsessieve trekken begint te krijgen, verdient het aanbeveling bij de feiten te blijven. In de bewuste rubriek (19/12) doe ik geen verslag van “correspondentie met een criticus van de krant”; schreef deze ook geen ‘’brief”, noem ik hem bij naam als maker van een documentaire waarin hij onder naam een hoofdrol speelt, en verleende ik hem wél  “weerwoord” op mijn bevindingen.

Ik wens u fijne, vreedzame feestdagen.
SJ

Van: Robert van Waning Verzonden: donderdag 24 december 2020 12:34
Aan: Hoofdredactie <hoofdredactie@nrc.nl>
CC: E-mail Ombudsman <ombudsman@nrc.nl>
Onderwerp: NRC Ombudsman trapt weer na (3). (NRC 19.12.2020)

Geachte Redactie,

Voor de derde keer in korte tijd doet NRC-Ombudsman en -redacteur Sjoerd de Jong in zijn (te) uitgebreide column van 19 december jl verslag van correspondentie met een criticus van de krant. De manier waarop dit gebeurt, kan alweer niet anders worden getypeerd dan natrappen.

De bewuste NRC-lezer had een film gemaakt van zijn zoektocht naar de waarheid achter het officiële verhaal over het virus. Daarbij was hij gestuit op een interview in NRC Handelsblad dat volgens hem onjuistheden bevatte. Toen hij met iemand van de krant daarover wilde praten, werd hij te woord gestaan door een medewerker van de service-afdeling. Die kan (of mag) echter geen oordeel geven over de inhoud van de krant. Daar ging het fout. Typische een flutkwestie die geen halve pagina van Opinie & Debat(?) waard is.  

De ombudsman noemt de kritische NRC-lezer bij zijn volledige naam, maakt hem belachelijk en noemt zijn film ’een schoolvoorbeeld van coronasceptische burgerjournalistiek’. De lezer had geen reactie gekregen op zijn brief.  ‘Bij deze’ schrijft de ombudsman maar gunt hem geen weerwoord op dit publieke schandschrift. De ombudsman schendt hiermee niet alleen wederom regels van fatsoen maar ook van de journalistiek.

Volgens de ombudsman is deze kwestie een goede les. Het is de vraag of hij er zelf iets van leert. Dat alles wat je zegt, kan worden opgenomen, bewaard, verknipt en tegen je gebruikt, is al zo oud als de vaak al te vrije pers. Die kan immers nog steeds niet op hetzelfde forum worden tegengesproken en bekritiseerd. Tegenwoordig kan dit gelukkig wel in de sociale media. De burgerjournalistiek dankt mede hieraan haar populariteit. De traditionele journalistiek kan zichzelf aanrekenen dat dit ten koste gaat van de onbetrouwbaarheid van de informatievoorziening. In tegenstelling tot de werkwijze van de NRC Ombudsman kan de journalistiek maar beter het motto ‘Better join them than fight them’ hanteren.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning
Meningsvrijheid

De Ombudsman

Hoe een coronafilm NRC in een kwaad daglicht stelt met knip- en plakwerk

[..]
Sinds twee weken circuleert op YouTube een coronafilm van de Zuid-Hollandse ondernemer Nico Sloot, die op zoek gaat naar de waarheid achter het officiële verhaal over het virus. De film is een schoolvoorbeeld van coronasceptische burgerjournalistiek: schimmige verbanden tussen Big Pharma en Big Tech, stemmige synthesizermuziek en Hollands Glorie-beelden van de maker als stuurman op zijn eigen boot. Slotsom: de farmaceutische industrie dringt ons vaccinaties op, terwijl maar een heel klein deel van de bevolking ernstig ziek wordt door het virus. Op vrijdag was de film, Covid-19. The System , ruim 480.000 keer aangeklikt, met tweeduizend lovende reacties („harde feiten”).

In die ‘documentaire’ zit een kort, verontrustend fragment voor NRC-lezers. Sloot belt naar NRC om te melden dat een interview dat de krant in juli plaatste met coronagezant Feike Sijbesma van geen kant klopt; daar staan volgens hem uitspraken in die de gezant nooit heeft gedaan, dat heeft hij zelf van Sijbesma gehoord. En wat zegt NRC, aan de andere kant van de lijn? Ja, als Sijbesma zegt dat hij dit niet heeft gezegd geloof ik dat, ik zal kijken of dat kan worden aangepast.

Niet best, denk je dan.

Wat Sloot er niet bij vertelt, is dat hij on camera niet aan de lijn is met een NRC-redacteur, maar met een medewerker van de afdeling Klantenservice. Die staan lezers te woord over de bezorging of over problemen met hun abonnement; ze kunnen geen oordeel geven over de inhoud van de krant. Toch krijgt de argeloze – of toch al sceptische – kijker de indruk dat NRC de burger-onderzoeker laat weten dat het interview inderdaad misschien niet klopt en dus zal moeten worden rechtgetrokken.

Maar niet alleen Sloot nam het gesprek op. Ik heb het bij Klantenservice – bij uitzondering – opgevraagd (die gesprekken worden tijdelijk bewaard). En wat blijkt? Het ging toch net iets anders.

Al in het begin – het gesprek duurt bijna dertien minuten – legt de medewerker van Klantenservice uit dat als Sloot contact wil over dit artikel, hij de redactie moet mailen of sociale media moet gebruiken. Doorverbinden gaat nu niet, er is, door corona, bijna niemand op de redactie. Sloot vraagt dan maar of de medewerker zelf journalist is. Die antwoordt ontkennend: nee, hij is er voor Klantenservice. Oh, zegt abonnee Sloot, wij zijn tevreden over de krant, dat gaat allemaal goed – maar dan begint hij toch weer over het artikel. Kun jij daar niet iets over zeggen? Nou ja, zegt de medewerker vriendelijk, alleen persoonlijk, niet namens NRC.

Dan ontspint zich toch een gesprek over de inhoud – waarbij de medewerker gelukkig nog wel een slag om de arm houdt: áls er iets niet klopt, moet het worden rechtgezet. Pas in de elfde minuut komt de aap uit de mouw: Sloot onthult dat hij bezig is met een documentaire en dit gesprek daarin wil gebruiken. Is dat goed? Overdonderd stamelt de medewerker, nou ja, alleen als los citaat, maar niet alsof hij een woordvoerder is van NRC.

Te laat. Ok, dankjewel! roept Sloot ter afscheid.

Zo gaat dat kennelijk, met burgerjournalisten die hun mond vol hebben van tendentieuze, manipulerende media. Je ‘neemt ze serieus’, zoals het advies alom luidt, staat ze beleefd te woord – en ziet jezelf verknipt terug in een fragment dat moet suggereren dat de krant de lezers weer eens voorliegt met een tendentieus, gemanipuleerd interview.

Waar ging het dan om? Ook veelzeggend: in de film blijft onduidelijk wát er precies niet zou kloppen in het NRC-interview met de coronagezant. Die zinspeelt daarin op de mogelijkheid van grootschalige vaccinatie en wijst erop dat we nu maatregelen moeten nemen om een heftige lockdown te voorkomen – precies wat er is gebeurd dus. Sloot las dat blijkbaar als een oproep tot verplichte inenting. In de film is te zien hoe de ondernemer belt met Sijbesma die, opnieuw met vooruitziende blik, het gesprek niet in de film wilde. Wel stuurde de gezant Sloot een mail, waarin hij onderstreept dat vaccinatie uiteraard vrijwillig moet zijn.

De auteurs van het interview en de woordvoerder van Sijbesma die daar destijds bij betrokken was, laten me dit weten: ja, er was discussie over de tekst van het interview. Het gesprek was nogal scherp neergezet, vond de coronagezant, een beetje ongemakkelijk gezien zijn delicate positie als – vrijwillige en onbetaalde – adviseur van het kabinet. Maar nee, van verdraaide of verzonnen citaten was geen sprake.

Ondernemer Sloot zelf is kortaf door de telefoon: dit is allemaal „niet spannend”. Hij blijft erbij dat het interview niet klopt en zegt dat hij nog op antwoord van de krant wacht. Daar heeft hij een punt, want zijn gegevens waren in het gesprek genoteerd en hij zou nog iets horen. Bij deze dus.

Al met al een leerzaam voorval. Voor Klantenservice – en net zo goed voor journalisten – is het een goede herinnering: hou je bij je leest en hou er rekening mee dat tegenwoordig alles wat je zegt kan worden opgenomen, bewaard, verknipt en tegen je gebruikt. De Klantenservice-medewerker, sinds kort elders werkzaam, heeft bij YouTube bezwaar gemaakt dat zijn naam in de film voorkomt.

Intussen illustreert het incident ook nog eens het verschil tussen verslaggeving die zoekt naar feiten en verificatie, en pseudo-journalistiek die vooral hunkert naar bevestiging van persoonlijke vermoedens, opinies en achterdocht.

Sjoerd de Jong
Reacties: ombudsman@nrc.nl

Van: Robert van Waning
Verzonden: maandag 16 november 2020 16:15
Aan: Red NRC Lezer schrijft <lezerschrijft@nrc.nl>
CC: ombudsman@nrc.nl
Onderwerp: De ombudsman trapt (weer) na.

(Niet voor publicatie.)

Geachte Redactie,

Voor de tweede keer in vrij korte tijd doet NRC-Ombudsman en -redacteur Sjoerd de Jong in zijn uitgebreide column van 14 november jl verslag van een correspondentie met een criticus van de krant. De manier waarop dit gebeurt, kan wederom niet anders getypeerd worden dan natrappen.

Uw ombudsman schrijft dat hij na de 4.550 woorden die hij aan zijn opponent had geschreven voorlopig wel uitgepraat is met de Andere Wereld van De Andere Krant. Waarom weidt hij er dan toch één van zijn lange columns aan? Hij noemt daarin twee critici Sander Compagner en Eric van de Beek wel met name (laatstgenoemde zelfs 18 keer) maar zij krijgen geen mogelijkheid tot weerwoord in dezelfde ruimte als waarin zij door niemand minder dan de ombudsman van de gezaghebbende NRC publiekelijk worden afgebrand.

Revolutionaire tijden, of de honger daarnaar, produceren een alternatieve pers,” schrijft ombudsman annex redacteur Sjoerd de Jong. Wat bedoelt hij daarmee? De pers is immers per definitie onafhankelijk (ook onderling, mag ik hopen) en laat in een gezonde democratie een alternatief geluid horen tegenover dat van de ‘the powers that be’ (zoals overheden, ambtenaren, politiek, ondernemingen, onderwereld, kerk, en – niet te vergeten – de media).

De ombudsman noemt het verbluffend dat de media ervan beschuldigd worden te fungeren als loopjongen van de elite. Volgens velen (inclusief de ombudsman?) gaan zij immers nu al jaren diep door de knieën voor de al dan niet vermeende wensen, preoccupaties en noden van ‘het volk’ of ‘de boze burger’ (aanhalingstekens van De Jong.)

Die tóón..

Ik kan mij niet herinneren of ik Sjoerd de Jong ooit de juiste man op de juiste plaats heb gevonden, maar inmiddels is hij dat duidelijk al lang niet meer. Tenzij de (hoofd)redactie het met hem eens is, natuurlijk. In dat geval wordt het echt tijd om NRC Handelsblad anders te gaan inschatten.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning
Amstelveen

Van: Sjoerd de Jong Verzonden: maandag 19 oktober 2020 13:51
Aan: Robert van Waning
Onderwerp: RE: Journalisten verdragen geen kritiek en ook geen concurrentie, (FW: Waarom journalistiek en het nieuwe complotdenken elkaar slecht verdragen. NRC Ombudsman 11.10.2020)

Heer Van Waning,

Het bevreemdt me waarom u een ombudsman blijft benaderen in wie u klaarblijkelijk geen enkel vertrouwen hebt. Zoals eerder gezegd beschouw ik onze correspondentie, waarin u niet kunt nalaten keer op keer mijn functie of functioneren ter discussie te stellen, al enige tijd als beëindigd. Indien u concrete klachten heeft over artikelen in NRC zal ik die doorsturen aan betrokkenen, met het verzoek erop te reageren.

Sjoerd de Jong
Ombudsman NRC

Van: Robert van Waning Verzonden: zondag 18 oktober 2020 14:38
Aan: E-mail Ombudsman <ombudsman@nrc.nl>; Hoofdredactie <hoofdredactie@nrc.nl>
Onderwerp: Journalisten verdragen geen kritiek en ook geen concurrentie, (FW: Waarom journalistiek en het nieuwe complotdenken elkaar slecht verdragen. NRC Ombudsman 11.10.2020)

Geachte ombudsman, Sjoerd de Jong,

In uw column van 10 oktober jl maakte u gehakt van iemand met wie u in het voorjaar had gecorrespondeerd. U noemde hem een complotdenker van een inmiddels verouderd model, omdat hij nog de moeite nam om algemeen aangenomen feiten te onderzoeken.

Ik weet vrijwel niets van ’11 september’ (behalve dat ik het live op tv heb zien gebeuren) en ik verdiep mij daar ook niet in. Zolang echter niets is bewezen, zijn alle andere theorieën ook niet meer dan dat. U heeft kennelijk wél een opvatting over het ineenstorten van de derde toren, WTC-7, maar wie zegt dat die wél gefundeerd is? Goedgelovige sukkels aan beide zijden gaan ervan uit dat hún feiten en redeneringen met betrekking tot kloppen. Dat geldt voor u net zo goed als voor de complotdenkers aan de andere kant.

Uw beleefde pen pal kreeg van u een ferme trap na. Dat hij niet met name werd genoemd zal de pijn voor hem nauwelijks hebben verzacht. Op het ene moment leek hij nog serieus te worden genomen door de serieuze journalistiek, maar het volgende moment behoorde hij tot de onaanraakbaren die onverenigbaar zijn met die maat van alle dingen. Als hij ook nog kritiek had geuit op de Mossad was hij voorgoed verbannen. Daarvoor is immers alleen al beredeneerde kritiek op de discriminatoire aard van de Joodse religie, cultuur en politiek voldoende, zo heb ik tot mijn schade ondervonden.*)

U schreef: “Complotdenken ondergraaft niet alleen de maatschappelijke consensus over feiten en verklaringen, het is in zekere zin ook burgerjournalistiek in een holle spiegel: een bizarre uitvergroting of vertekening van onaangename of onacceptabele waarheden.”

Ondertussen is duidelijk geworden dat het mede door NRC lang ondersteunde ideaal van een neoliberale economie en daarop (en nauwelijks nog op enig andere moraal) gestoelde maatschappij heeft geleid tot een bizarre, onaangename en onaanvaardbare wereldwijde situatie die oneerlijk, onrechtvaardig en niet duurzaam is. Wat zegt dat over hetgeen wél door de journalistiek wordt verdragen?

Het is uw goed recht om consequent de kant van de journalistiek te kiezen. U diskwalificeert zich hiermee echter als ombudsman. Dat doet u bovendien door artikelen te schrijven in de hoedanigheid van redacteur van NRC Handelsblad.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning

*) Meningsvrijheid

Uitgelicht

Journalistiek verdient tegenspraak

(.. maar krijgt die onvoldoende.)

____________________________________________________

Van: Robert van Waning Verzonden: donderdag 24 december 2020 12:34
Aan: Red NRC Lezer schrijft <lezerschrijft@nrc.nl>
CC: ombudsman@nrc.nl
Onderwerp:

NRC Ombudsman trapt weer na (3).

Geachte Redactie,

Voor de derde keer in korte tijd doet NRC-Ombudsman en -redacteur Sjoerd de Jong in zijn (te) uitgebreide column van 19 december jl verslag van correspondentie met een criticus van de krant. De manier waarop dit gebeurt, kan alweer niet anders worden getypeerd dan natrappen.

De bewuste NRC-lezer had een film gemaakt van zijn zoektocht naar de waarheid achter het officiële verhaal over het virus. Daarbij was hij gestuit op een interview in NRC Handelsblad dat volgens hem onjuistheden bevatte. Toen hij met iemand van de krant daarover wilde praten, werd hij te woord gestaan door een medewerker van de service-afdeling. Die kan (of mag) echter geen oordeel geven over de inhoud van de krant. Daar ging het fout. Typische een flutkwestie die geen halve pagina van Opinie & Debat(?) waard is.  

De ombudsman noemt de kritische NRC-lezer bij zijn volledige naam, maakt hem belachelijk en noemt zijn film ’een schoolvoorbeeld van coronasceptische burgerjournalistiek’. De lezer had geen reactie gekregen op zijn brief.  ‘Bij deze’ schrijft de ombudsman maar gunt hem geen weerwoord op dit publieke schandschrift. De ombudsman schendt hiermee niet alleen wederom regels van fatsoen maar ook van de journalistiek.

Volgens de ombudsman is deze kwestie een goede les. Het is de vraag of hij er zelf iets van leert. Dat alles wat je zegt, kan worden opgenomen, bewaard, verknipt en tegen je gebruikt, is al zo oud als de vaak al te vrije pers. Die kan immers nog steeds niet op hetzelfde forum worden tegengesproken en bekritiseerd. Tegenwoordig kan dit gelukkig wel in de sociale media. De burgerjournalistiek dankt mede hieraan haar populariteit. De traditionele journalistiek kan zichzelf aanrekenen dat dit ten koste gaat van de onbetrouwbaarheid van de informatievoorziening. In tegenstelling tot de werkwijze van de NRC Ombudsman kan de journalistiek maar beter het motto ‘Better join them than fight them’ hanteren.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning

Meningsvrijheid

___________________________________________________

Van: Robert van Waning Verzonden: dinsdag 22 december 2020 18:10
Aan: openredactie@volkskrant.nl
Onderwerp:

De pers verheft zich boven kritiek en is dus een vorm van dictatuur.

Beste Fleur,

Onlangs waren de hoofdredacteur van Het Parool en van de Volkskrant te gast in het programma Spraakmakers op NPO Radio1. Welbeschouwd is dat te zot voor woorden: Journalisten die andere journalisten interviewen en vragen naar hun opinies over allerlei politieke en maatschappelijke kwesties. Alsof die mensen niet IEDERE DAG de gelegenheid hebben om hun meningen, opvattingen en standpunten in een massamedium te verkondigen!

Journalisten waren oorspronkelijk verslaggevers. Door gebrek aan tegenspraak zijn zij echter steeds meer spraakmakers en opiniemakers geworden. Hun invloed op publieke meningsvorming en zelfs op de politieke besluitvorming werd steeds groter.

Nieuws en opinie zijn producten waarmee miljarden worden verdiend en waarmee in belangrijke mate het reilen en zeilen in een samenleving wordt gestuurd. Media en journalistiek kunnen niet alleen mensen maken en breken, maar zelfs de maatschappij als geheel. 

‘Checks and balances’ zouden ervoor moeten zorgen dat een democratie transparant, evenwichtig, eerlijk en rechtvaardig blijft. Controle, kritiek, tegenspraak en verantwoording zijn de instrumenten waarmee dat stelsel werkt. De pers onttrekt zich echter daaraan. 

Burgers kúnnen geen serieuze kritiek uiten op de pers, want als die niet bevalt wordt zij wordt domweg niet geplaatst of uitgezonden. Politici en bestuurders mógen zulke kritiek niet uiten, want dan is het land te klein en de democratie in gevaar: Persvrijheid! Journalisten wíllen of durven geen kritiek te uiten, uit collegialiteit of uit angst voor collegiale represailles. 

Net als alles en iedereen in onze maatschappij verdient ook de pers kritiek. Zij krijgt die echter niet, althans niet voldoende, want niet structureel. Deze misstand heeft geleid tot een scheefgroei in de democratische krachts- en machtsverhoudingen. Het resultaat is een mediacratie, een soort dictatuur. 

Enige jaren geleden werd ik gedurende anderhalf jaar verbannen uit het (inmiddels opgeheven) openbare reactie- en discussieforum van de Volkskrant vanwege een inhoudelijke, fatsoenlijke maar kennelijk onwelgevallige kritiek op een column(!). Mijn herhaalde verzoeken om excuses en rehabilitatie werden nooit in behandeling genomen en genegeerd. 

Dit is maar één voorbeeld. Ik weet zeker dat zulke dingen voortdurend gebeuren zonder dat er een journalistieke haan naar kraait. Dit tast het fundament van onze democratie aan. 

De vrijheid van meningsuiting van gewone burgers is op deze manier bij de pers niet in goede handen. Onze meningsuitingen worden niet onderdrukt door de staat maar door de ‘vrije pers’. 

Robert van Waning
Amstelveen

________________________________

Van: Robert van Waning Verzonden: vrijdag 11 december 2020 17:44
Aan: p.klok@volkskrant.nl [Geen Reactie.]
Onderwerp:

“Als je één vrije mening opgeeft om niet te beledigen, verlies je ze allemaal,”
(Albert van der Ploeg, VK, 11-12-2020)

Geachte heer Klok,

Op 26 juni jl schreef ik u onderstaande brief. U heeft daarop niet gereageerd. Ik verzoek u om dit alsnog te willen doen. Deze kwestie verdwijnt niet door haar te negeren. Ik ben ook graag bereid om voor een goed gesprek bij u langs te komen.

In de Volkskrant wordt steeds terecht met verontwaardiging geschreven over het onderdrukken van de vrijheid van meningsuiting. Meestal gaat het daarbij echter over de pers en niet over gewone burgers, alsof die niet meetellen als het gaat over (de horizontale werking van) grondrechten. Een kritische lezer gedurende anderhalf jaar de mond snoeren vanwege een fatsoenlijke (maar kennelijk onwelgevallige) meningsuiting, is niet zomaar een dingetje.

Onlangs heb ik nog maar eens aan Arie Elshout gevraagd waaraan ik mijn verbanning door de Volkskrant te danken had gehad. Volgens hem was dat omdat mijn commentaar op een column van Paul Brill ‘bedenkelijk’ was geweest. Toen ik Elshout vervolgens vroeg wát er dan bedenkelijk was, schreef hij dat daar niet op in wilde gaan omdat hij gepensioneerd was. Wegduiken, heet dat, want hij schrijft ondertussen tweewekelijks een column en bij zijn foto staat dat hij (dus nog steeds) journalist is.

Dat mijn verbanning onverdiend en dus onterecht was, wordt duidelijk voor wie bereid is om zich in de kwestie te verdiepen. Niemand heeft daar echter zin in want journalisten voelen zich boven kritiek verheven. Mijn reputatie heeft er ondertussen al vele jaren onder het stigma dat mij impliciet met die sanctie werd opgelegd. Ik word er op internetfora nog steeds aan herinnerd. Zo werkt het internet nu eenmaal. Door excuses en rehabilitatie te vragen wijs ik de Volkskrant op haar verantwoordelijkheid voor haar onterechte veroordelingen. (‘Vervooroordelingen’ noem ik ze.)

Na moord en kinderverkrachting is antisemitisme de zwaarste beschuldiging die iemand in een beschaafd land kan worden opgelegd. Men kan daarvan ook nooit echt worden vrijgesproken. Ook als is er geen vuur en zelfs geen rook, ook al heb je dus nooit iets antisemitisch gezegd, geschreven of gedaan, toch blijft het stigma eeuwig aan je kleven. Ik heb wél kritiek op discriminatoire en racistische elementen van de Joodse religie, cultuur en politiek, maar dat wil niet zeggen dat ik Joden minacht, haat of discrimineer vanwege hun afkomst. Ook hoogleraar Paul Cliteur zal nooit meer verlost worden van het stigma dat hij o.a. door uw redacteur Sander van Walsum al kreeg opgeplakt nog voordat was bewezen dat dit terecht was.

Socioloog Albert van der Ploeg wees er in de Volkskrant van vanochtend op dat het gevoel door een uitlating beledigd te zijn niet leidend mag zijn bij de beoordeling of die discriminerend was. Het eigenlijke doel van een uitlating (confrontatie, perspectief en relativering) wordt daardoor namelijk irrelevant, meent hij. Mijn reactie op de column van Paul Brill was bedoeld als kritiek op diens éénzijdige kijk op het Midden-Oosten waardoor hij Iran consequent demoniseerde en Israël daarentegen uit de wind van gefundeerde kritiek hield.

“Als je één vrije mening opgeeft om niet te beledigen, verlies je ze allemaal,” schreef Albert van der Ploeg vanochtend in uw krant.Ik had VK-columnist Paul Brill trouwens niet beledigd maar slechts ironisch becommentarieerd: “Knap, hè?’.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning

_____________________________________________________

“Discriminatie is niet toegestaan.”

(Ingezonden brief aan de Volkskrant, 01.12.2020. Niet geplaatst)

Van: Robert van Waning <robertvanwaning@outlook.com>
Verzonden: maandag 7 december 2020 18:31
Aan: VK Brieven <brieven@volkskrant.nl>
Onderwerp: “Discriminatie is niet toegestaan.” Punt. (Re: Hier is een betere tekst voor artikel 1. VK 07.12.2020)

Geachte Redactie, 

Ook Ted van Lieshout maakt het nog te ingewikkeld met zijn wijzigingsvoorstel voor art 1 van de Grondwet.*) Het is afdoende om dat simpelweg te laten luiden: “Discriminatie is niet toegestaan.” Punt.

Iedereen weet immers dat discriminatie betekent het zonder wettelijke grond onthouden van rechten aan mensen. Wat mij betreft gaat dat beginsel ooit ook gelden voor dieren en planten. 

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning

*) ‘Hier is een betere tekst voor artikel 1.’ Brief van Ted van Lieshout, VK 07.12.2020)

Van: margot.knibbe@persgroep.net <margot.knibbe@persgroep.net> Namens VK Brieven
Verzonden: dinsdag 8 december 2020 10:00
Aan: Robert van Waning <robertvanwaning@outlook.com>
Onderwerp: “Discriminatie is niet toegestaan.” Punt.

Geachte lezer,
Hartelijk dank voor uw bijdrage, die wij met belangstelling hebben gelezen. Helaas kunnen wij uw brief niet publiceren. We ontvangen dagelijks vele tientallen brieven. De redactie is daar zeer verheugd over., maar de ruimte om brieven te publiceren is beperkt. Wij vragen hiervoor uw begrip en hopen u een volgende keer te mogen verwelkomen in de rubriek Geachte Redactie van de Volkskrant.
Met vriendelijke groet,
Redactie Opinie en Debat
brieven@volkskrant.nl

_________________________________________________

Journalisten, columnisten en commentaarschrijvers vervooroordelen anderen zonder zelf te kunnen worden tegengesproken.

Van: Robert van Waning
Verzonden: zondag 6 december 2020 18:49
Aan: h.kraak@volkskrant.nl [Geen Reactie.]
CC: openredactie@volkskrant.nl; Sander van Walsum

Geachte Haro Kraak,

Gaf de kop ‘De grenzen van de academische vrijheid’ (VK 5/12 jl) de inhoud van uw artikel wel goed weer? Paul Cliteur wordt immers niet verweten dat hij zélf dingen had gedaan, gezegd of geschreven die in strijd zouden zijn met die vrijheid. Hij heeft trouwens een zwijgplicht en kan zich dus niet verweren tegen iedereen die tegen hem aanschopt. (Voor goed begrip: Ik heb helemaal niks met FvD of Cliteur.)

Heeft een wetenschapper trouwens meer vrijheid dan een gewone burger? Ik vraag mij dat ook vaak af bij journalisten en columnisten. De grondrechten zijn immers voor iedereen gelijk.

Paul Cliteur heeft misschien weggekeken maar het is (nog) niet vastgesteld dat hij zelf iets verkeerds heeft gedaan, gezegd of geschreven. Sander van Walsum vond dat Cliteur afstand had moeten nemen van woorden waarvan hij niet wist of die inderdaad waren uitgesproken. De plicht om dat bij voorbaat en dus zonder nader onderzoek en bewijs te moeten doen bij uitingen die ‘bedenkelijk’ of erger zijn, leidt tot een onvrijheid die Telegraafcolumnist Leon de Winter deed denken aan Amerikaanse (of Chinese) toestanden. Hij ziet daarin (mijns inziens terecht) het gevaar van ‘academische verstikking en starre politieke correctheid’.

Het is een tijdlang mogelijk geweest om op de website van de Volkskrant kritisch te reageren op meningsuitingen van journalisten, columnisten en commentaarschrijvers van die krant. Dat internet forum (VK Weblog) werd echter opgeheven, alle blogs, reacties en discussies werden verkwanseld aan uitgeverij Sanoma BV en die heeft vervolgens alles verdonkeremaand, volkomen in strijd met de auteursrechten van de eigenaars van de weblogs. Geen journalistieke haan heeft daarnaar gekraaid..

Het moet weer mogelijk worden gemaakt om een journalist, columnist of commentator tegen te spreken op hetzelfde forum waarop die hun (voor)oordelen over anderen uitspreken. Door gebrek aan die mogelijkheid is er een scheefgroei ontstaan in de maatschappelijke en democratische krachts- en machtsverhoudingen. Een autocratische mediacratie is een reëel gevaar. Op het internet is plaats genoeg voor de tegenspraak die ook de journalistiek moeten kunnen krijgen voor het broodnodige evenwicht in onze democratie.

In traditionele media wordt geschimpt en gescholden op sociale media, vice versa, maar dat levert geen werkelijke discussie op.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning

De journalistiek verdient tegenspraak.

___________________________________________________

De journalistieke rechter heeft geen bewijs nodig: Vooroordeel is voldoende.

(Ingezonden brief aan de Volkskrant, 01.12.2020. Niet geplaatst)

Van: Robert van Waning
Verzonden: donderdag 3 december 2020 12:29
Aan: ‘brieven@volkskrant.nl’ <brieven@volkskrant.nl>
CC: ‘Sander van Walsum’ <s.vanwalsum@volkskrant.nl>; ‘Arie Elshout’ <a.elshout@volkskrant.nl>
Onderwerp: De journalistieke rechter heeft geen bewijs nodig: Vooroordeel is voldoende (VK 01.12.2020)

Geachte Redactie,

VK-redacteur en -commentaarschrijver Sander van Walsum vroeg zich hardop af of Paul Cliteur een schorsing of ontslag als hoogleraar Rechtswetenschap van de Universiteit van Leiden zal kunnen afwenden. (Bij de worsteling met Cliteur is Cleveringa arbiter. VK 01.12.2020)

Nadat hij veel aandacht had geschonken aan de (vooralsnog ongefundeerde) beschuldigingen van racisme en antisemitisme aan het adres van Cliteur, deed hij diens (wél gefundeerde) verweer af als ‘enigszins formalistisch’. Cliteur had dus bij voorbaat afstand moeten nemen van uitspraken waarvan nog niet vaststond of zij inderdaad waren gedaan.

In zijn gretigheid om Cliteur te veroordelen liep Van Walsum op twee zaken vooruit. Eén: Het bewijs dat Thierry Baudet inderdaad de gewraakte uitspraken had gedaan. Twee: De reactie van Cliteur daarop. Als journalistieke scherprechter heeft Van Walsum echter geen bewijs en ook geen verweer nodig om een hard (voor)oordeel te kunnen uitspreken.

Aangezien Paul Cliteur een zwijgplicht was opgelegd, kon en mocht hij zich niet verweren tegen alle beschuldigingen, inclusief de partijdige weergave daarvan door Van Walsum. In dat geval past het een journalist, redacteur en commentaarschrijver van een gezaghebbende krant niet om zich te scharen aan de kant van degenen die schoppen naar de weerloze Paul Cliteur.

Leon de Winter was een stuk terughoudender in zijn column in De Telegraaf van 2 november (Zijn Forum-jongeren ’stoer’ of antisemiet?’). De plicht om bij voorbaat en zonder nader onderzoek en bewijs afstand te nemen van uitingen die ‘bedenkelijk’ of erger zijn, leidt tot een onvrijheid die De Winter doet denken aan Amerikaanse (of Chinese) toestanden. Hij ziet daarin het gevaar van ‘academische verstikking en starre politieke correctheid’.

Ook mensen met wie ik het meestal oneens ben, kunnen ware dingen zeggen. Dat geldt in dit geval voor De Winter en niet voor Van Walsum.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning

De journalistiek verdient tegenspraak   (https://start.me/p/VRl9Do/meningsvrijheid )

Van: margot.knibbe@persgroep.net <margot.knibbe@persgroep.net Namens VK Brieven
Verzonden: donderdag 3 december 2020 14:26
Aan: Robert van Waning <robertvanwaning@outlook.com
Onderwerp:
Re: De journalistieke rechter heeft geen bewijs nodig: Vooroordeel is voldoende (VK 01.12.2020)

Geachte lezer,
Hartelijk dank voor uw brief, die wij met belangstelling hebben gelezen. Helaas kunnen wij uw brief niet plaatsen. We ontvangen dagelijks vele tientallen brieven. De redactie is daar zeer verheugd over, maar de ruimte om brieven te publiceren is beperkt. Wij stellen uw mening zeer op prijs en hebben uw brief doorgestuurd naar onze collega(‘s).
Met vriendelijke groet,
Redactie Opinie en Debat

_____________________________________________

Democratie wordt vernietigd door willekeurige onderdrukking van onwelgevallige meningsuitingen.

Van: Robert van Waning
Verzonden: woensdag 23 september 2020 16:07
Aan: A.Elshout@Volkskrant.nl; VK Opinie

Geachte heer Elshout,

Volgens Sander Schimmelpenninck heeft niet iedereen recht op een mening. Althans, dat schreef u in uw column ‘Probeer democratie niet te redden door haar te vernietigen’ (VK 23/9 jl). Ik kan bijna niet geloven dat u uw collega-columnist juist en/of volledig heeft geciteerd. Natuurlijk heeft iedereen recht op een mening. Gedachten zijn immers vrij en vrijwel onmogelijk te onderdrukken.

In principe mag iedereen altijd en overal zijn meningen uiten ‘behoudens ieders verantwoordelijkheid volgens de wet’ (art. 7 Gw, Art 10 EVRM), maar het is de vraag of die vrijheid of, hoe en in welke mate die vrijheid dan ook door media gerespecteerd moet worden.  

Democratie betekent inderdaad niet dat alle meningen gehoord moeten worden, zoals Schimmelpenninck zou hebben beweerd. Het betekent wel dat zij gehoord mogen en kunnen worden. Dat is al heel iets anders. Een beperkende factor is dan nog ‘slechts’ de manier waarop dit gebeurt. Iedereen kan en mag pamfletten, folders, boeken etc. schrijven, waarbij het gebrek aan geld, tijd en energie beperkende factoren zijn. Iedereen heeft ook toegang tot het internet voor het schrijven van opinies en reacties daarop. Moeilijk wordt het als men het probeert via een medium waarbij een directie en/of redactie bepaalt wat daarin wordt gepubliceerd.

Volgens u moeten in een democratie alle meningen gehoord worden. Dat is – helaas en gelukkig – onmogelijk. Helaas, omdat daarvoor de tijd en de middelen ontbreken. Gelukkig, omdat redacties er niet voor niets zijn. Zij besparen hun lezers, kijkers en luisteraars veel verkeerde, onzinnige, overbodige en kwaadwillige informatie. Het beoordelen en het maken van keuzen en selecties van serieus te nemen opinies maakt niet alleen democratie moeilijk, maar ook redactie. U wilt graag dat wij met ons allen een beetje vertrouwen houden in het oordeelsvermogen van de meeste burgers. Dit geldt a fortiori voor redacties. De middelen en mogelijkheden waarover zij beschikken, zijn krachtig genoeg om mensen levenslang kapot te maken en de democratie te vernietigen.

Doordat die macht onvoldoende weerwerk of tegenspraak krijgt op hetzelfde platform, is er een scheefgroei ontstaan in de democratische krachts- en machtsverhoudingen. Gewone burgers kúnnen journalistieke media niet tegenspreken, want die wordt domweg niet geplaatst of uitgezonden. Bestuurders en politici mógen het niet, want dan is het land te klein en de democratie in gevaar: Persvrijheid! Journalisten zelf willen of durven het niet, uit angst voor hun carrière en/of collegiale represailles.

Een redactie die kritische meningsuitingen negeert**) weigert cq verwijdert louter vanwege hun onwelgevalligheid (en dus niet vanwege plaatsgebrek of schending van regels van fatsoen, wet en/of gebruiksvoorwaarden), handelt op zijn minst in strijd met de geest van onze democratie en Grondwet en dus ook met de opdracht van de onafhankelijke pers.

In uw column stelt u de vraag hoe men iemand het recht op een mening kan ontzeggen. Die vraag stelde ik u vele jaren geleden ook. U heeft daarop ontwijkend, badinerend, met onjuiste argumenten of helemaal niet gereageerd. Volgens u was mijn verbanning door VK Opinie terecht omdat ik de toenmalige chef Opinie ‘bijna boos had gemaakt’ en omdat mijn reacties op columns (meningsuitingen, dus) van Paul Brill ‘een bedenkelijke wending dreigden te nemen’. (Zie hieronder.)

Mijn reactie op de column van Brill was onderbouwd, niet onzinnig en ook niet bedenkelijk. Zij voldeed dus aan uw en Schimmelpennincks (overigens discutabele) voorwaarden.

Mijn anderhalf jaar durende verbanning van destijds*) betekende een verbod om te reageren op artikelen, columns, ingezonden brieven en reacties in de Volkskrant of op haar website en dus ook uitsluiting van deelname aan publieke discussies op het openbare forum van de Volkskrant op het internet. Die zware sanctie door een landelijk journalistiek medium heeft mij sindsdien achtervolgd en gestigmatiseerd. In discussies op het internet wordt er nog vrijwel wekelijks naar verwezen om mijn opinie ongeloofwaardig te maken en mijn positie te verzwakken. Dit stigma en dit onrecht verjaren niet.

Wilt u mij alstublieft mij steunen in mijn verzoek om excuses en rehabilitatie? Ik wil heel graag tegen mijn opponenten kunnen zeggen dat de Volkskrant spijt heeft van die ongefundeerde, onterechte, onrechtvaardige en beschadigende levenslange veroordeling.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning
Amstelveen

*)   https://robertvanwaning.com/2015/11/23/verbannen-vanwege-meningsuiting/
**) https://robertvanwaning.com/2020/08/15/journalistiek-verdient-tegenspraak/

PS
Een kritische lezer als een ‘querulant’ bestempelen is een effectieve methode om hem voorgoed de mond te snoeren en uit te sluiten. Niemand neemt nog de moeite om te onderzoeken of de kwalificatie terecht is. Journalist en adjunct-hoofdredacteur Henk Blanken had nooit contact met mij gehad toen hij in onderstaande weblog schreef:
Ik ken die lezer, ook al wordt hij niet met name genoemd. Die lezer is De Querulant. Goeie kans dat het Robert van W. is, of de alomtegenwoordige “Flipper”, maar zoals zij zijn er velen.. [De Querulant] is de lezer naar wie je nooit moest luisteren, en ook nu niet. Hij is, als hierboven al aangegeven, knettergek. ”
Ombudsman Thom Meens vond mij ongetwijfeld lastig maar hij vond mij zeker niet gek en ik heb hem noch iemand anders ooit persoonlijk beledigd. Henk Blanken maakt misbruik van zijn macht maar is daarop nooit aangesproken. Op zijn eigen weblog heeft hij de reacties weggelaten die nog wel te lezen zijn op De Nieuwe Reporter. (Lees ze vooral allemaal!) Dit weblog heeft mij veel kwaad gedaan:
https://www.henkblanken.nl/2006/01/03/de-querulant-en-de-journalist/
https://www.denieuwereporter.nl/2006/01/de-querulant-en-de-journalist/

Reactie van Arie Elshout:
“[..] Ik kan helaas niets voor u betekenen. Ik geloof niet dat de inhoud van mijn column van afgelopen maandag mij ertoe zou moeten brengen om de krant te vragen om excuses aan uw adres. Zoals ik al zei is het recht op een mening niet hetzelfde als het recht op publicatie van een mening. De Volkskrant had indertijd haar redenen om u in de ban te doen. Ik wil daar niet in treden. Ten eerste omdat ik moeite blijf houden met uw reacties op columns van Paul Brill. Ten tweede omdat ik inmiddels met pensioen ben. [..]”
___________________________________

Niet ‘wij met z’n allen’

Van: Robert van Waning <robertvanwaning@outlook.com> [Geen Reactie.]
Verzonden: donderdag 17 september 2020 9:33
Aan: Toine Heijmans

​Beste Toine,

Dank voor een gruwelijk mooi stuk.*)

Het is echter niet helemaal waar dat ‘wij met z’n allen’ doelbewust in deze ‘onbezielde tijdelijkheid, een efficiënte val van desinspiratie’ zijn gelopen. Velen hebben erover geklaagd en zich ertegen verzet, maar die geluiden klonken niet blijvend door in de dominante media.

In 1971 werkte ik als vrijwilliger op ‘De Kleine Aarde’, het project van oud-NRC-wetenschaps redacteur Sietze Leeflang in Boxtel. Wij werkten daar aan en tegen alles wat nu, 50 jaar later, actueel is: Kringloop, biologische landbouw, duurzame opwekking en besparing van energie, opwarming van het klimaat, voorlichting. Wij ontvingen de Margriet Milieuprijs uit handen van Sicco Mansholt.. In 1972 vertaalde ik het rapport ‘Blueprint for Survival’ van een groep Engelse wetenschappers. (Blauwdruk voor Overleving, uitgeverij Contact). Daarin stond o.a. hoeveel graden warmer het klimaat nu zou zijn. 

Zelfs de NRC wijdde geen enkel woord aan het overlijden van Sietze Leeflang en aan al die mensen die zich 50 jaar geleden hebben geprobeerd om crises als de huidige en toekomstige te vermijden. 

Ook dat is misschien een natuurlijke en onvermijdelijke gang van zaken, maar zeg alsjeblieft niet dat ‘wij met z’n allen’ dit zo gewild hebben.

Met vriendelijke groet, 
Robert van Waning,
Amstelveen.
www.contrails.nl (sinds 1995) www.meteologica.nl (weerkundigen versluieren luchtvaartsmog)

*) ‘Anonieme schuren’ Toine Heijmans, VK 17.09.2020)

_______________________________________________

Geslaagde uitsluiting.

Van: Robert van Waning
Verzonden: woensdag 9 september 2020 11:26
Aan: Haro Kraak [Geen Reactie.]
Onderwerp: Geslaagde uitsluiting.

Geachte Haro Kraak,

U schreef een artikel over uitsluiting, het ‘cancelen’ van mensen, ook als die eigenlijk niets verkeerds hebben gedaan. Het internet is zó vol met mislukte uitsluitpogingen dat de term cancel culture volgens u eigenlijk betekenisloos is. Ik reageerde daarop inhoudelijk met een voorbeeld van geslaagde uitsluiting. Ik had niet verwacht dat u daarop niet zou reageren. Dat is immers ook een vorm van uitsluiting.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning,
Amstelveen.
___________________________________

‘Onbekende figuren zijn het meest kwetsbaar voor uitsluiting.’
Is ‘cancel culture’ dus betekenisloos?

Van: Robert van Waning
Verzonden: woensdag 2 september 2020 14:37
Aan: Haro Kraak [Geen Reactie.]

Geachte heer Kraak,

Over uitsluiting gesproken: In een Twitter-discussie over de (on)wenselijkheid van verdere groei van luchtvaart en Schiphol verwees een opponent naar mijn verbanning (uitsluiting) door de Volkskrant, nu 11 jaar geleden. Dit gebeurt regelmatig op alle platforms. De bedoeling is duidelijk: Let niet op deze man; hij hoeft niet serieus genomen te worden, hij hoort er niet bij.

Hoewel die onverdiende verbanning na 18 maanden even plotseling en ongemotiveerd door opinieredacteur Henk Müller werd opgeheven als zij door hem was opgelegd, duurt die sanctie dus nog steeds voort. Mijn positie in het publieke debat op het internet is er feitelijk permanent door verzwakt. Onschuldig levenslang.

De Volkskrant spreekt zich hard uit tegen de uitsluitcultuur, maar ziet er geen been in om zelf kritische lezers te ‘cancelen’, zonder opgave van reden en strafduur, zonder mogelijkheid van verweer. Pogingen tot rehabilitatie stranden op onwil, gebrek aan belangstelling of lafheid. Niemand durft het immers tegen een journalistiek medium op te nemen, uit angst voor – jawel – uitsluiting. Het heeft dan ook geen zin om deze kwestie voor te leggen aan de rechter of aan de Raad voor de Journalistiek. De redactionele vrijheid (lees: willekeur) blijkt onaantastbaar.

Kennelijk gaat men ervan uit dat iemand die verbannen werd het er wel naar gemaakt zal hebben. Ook die aanname moet echter ergens op gebaseerd zijn. De eenvoudigste en tegelijk meest effectieve manier om een kritische lezer voorgoed uit te schakelen, is hem als querulant te bestempelen. Spinoza was ook een querulant en zo waren en zijn er velen.

Terecht merkte u op dat onbekende figuren het kwetsbaarst zijn voor uitsluiting, zelfs als zij niets doms of kwetsends hebben gedaan, gezegd of geschreven. Onwelgevalligheid is al voldoende. Merkwaardig was echter uw conclusie dat het internet zó vol met mislukte uitsluitpogingen staat dat de term cancel culture eigenlijk betekenisloos is. Alsof het in een maatschappij en democratie alleen gaat om de bekende, machtige, invloedrijke en onaantastbare figuren, zoals bijvoorbeeld journalisten.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning
[Adres]

Verbannen vanwege meningsuiting.
Journalistiek verdient tegenspraak (.. maar krijgt die onvoldoende).
___________________________________

Niet alleen ‘Big Tech’ sluit willekeurig uitingen uit.

Van: Robert van Waning                                    [Geen Reactie.]
Verzonden: zondag 16 augustus 2020 13:56
Aan: Marleen Stikker van Waag.org

Geachte Marleen Stikker,

Onlangs sprak u op NPO Radio1 over de willekeur waarmee ‘Big Tech’ uitingen kan sorteren, selecteren, weigeren en verwijderen. Dit gebeurt ook door redacties van journalistieke media. Dit gebeurt meestal om goede redenen (bijv ruimtegebrek) en met de beste bedoelingen (bijv om de discussie fatsoenlijk houden en persoonsbeschadiging te voorkomen), maar niet altijd. “Welke afwegingen worden gemaakt, is niet duidelijk,” zei u over Google, Facebook, etc. Precies, en niet alleen bij hen.

Enkele jaren geleden werd ik door de redactie van VK Opinie zonder opgave van deugdelijke reden en zonder mogelijkheid van verweer voor anderhalf jaar verbannen uit de (sindsdien opgeheven) reactie- en discussieruimte op de website van de krant. Dit betekende dat ik al die tijd niet mocht deelnemen aan de discussies op de daartoe (destijds) bedoelde plaatsen. Voor een betrokken burger betekende dat een zware, onverdiende sanctie die mijn reputatie ernstig heeft beschadigd. Die verbanning wordt mij nu nog – vele jaren later – regelmatig door opponenten tegengeworpen. Mijn mening telt dan niet meer.

Ik ben steeds blijven proberen om een uitleg van de ware reden van die onterechte verbanning en het liefst ook excuses en ‘eerherstel’, maar niemand wil (of durft) zich in deze kwestie verdiepen. Het lijkt wel een heikel onderwerp waaraan niemand zijn of haar vingers wil branden.

Burgers kúnnen de journalistiek niet tegenspreken (laat staan bekritiseren), want dat wordt niet afgedrukt of uitgezonden. Politici en bestuurders mógen het niet, want dan is het land te klein en de democratie in gevaar: Schending van Persvrijheid! Journalisten wíllen of dúrven het niet, ofwel uit collegiale solidariteit ofwel uit angst voor represailles. Het resultaat is dat de journalistiek te weinig kritiek en tegenspraak krijgt. Dit heeft geleid tot een scheefgroei van de democratische verhoudingen van macht en invloed op maatschappelijke en politieke menings- en besluitvorming.

Deze kwestie is op zichzelf oud, maar het probleem is helaas actueel: Willekeurige weigeringen, verwijderingen, blokkades en verbanningen louter op grond van onwelgevalligheid zijn ‘normaal’, want zij behoren tot de redactionele vrijheid.

Ik hoop dat u hieraan aandacht zult schenken. Hiervoor is onafhankelijkheid en zelfs enige moed vereist, want de journalistiek heeft lange tenen en is rancuneus.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning.

Raad voor de Journalistiek, 2008/38.
Journalistiek-verdient-tegenspraak
Meningsvrijheid
_____________________________________________

Het ‘recht’ om willekeurig kritische lezersreacties te verwijderen.

Van: Robert van Waning
Verzonden: maandag 13 juli 2020 12:58
Aan: Café Weltschmerz (mail@weltschmerz.nl) [Geen reactie.]

Geachte Max von Kreyfelt,

‘Journalistiek verdient tegenspraak’ was het motto van mijn weblog bij de Volkskrant. Dat VK Weblog werd jaren geleden opgeheven door directie en hoofdredactie van de Volkskrant, waarschijnlijk omdat het te kritisch en te lastig was. Het VK Weblog werd – in strijd met de auteursrechten en afspraken – inclusief alle blogs, reacties en discussies overgedragen aan uitgeverij Sanoma BV die het vervolgens heeft verdonkeremaand. Geen journalistieke haan heeft hierover gekraaid.

Op zichzelf is die hele gang van zaken al een onderzoek waard. Ik wil echter hierbij graag uw aandacht vragen voor het feit dat media kritische reacties van lezers willekeurig kritiek en tegenspraak van ‘gewone mensen’ kunnen en mogen negeren, censureren en blokkeren.

Het willekeurig blokkeren en verwijderen van kritische reacties op de website van een krant valt volgens de Raad voor de Journalistiek onder de redactionele vrijheid van een medium. ( RvdJ 2008/38). De redactie hoeft hiervoor dus geen geldige reden te hebben en de reageerder ook niet over de verwijdering te informeren: ‘Bei Nacht und Nebel’.

Van een ‘open publiek debat’ is op die manier natuurlijk geen sprake. Een belangrijke partij is effectief verheven boven kritiek en tegenspraak. Dit heeft geleid tot een scheefgroei in de democratische machtsverhoudingen.

Enfin, als u het onderstaande leest, hoef ik u niet verder uit te leggen wat ik bedoel.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning (New Orleans, 1942)
__________________________________

Betrokkenheid is OK, mits niet te kritisch.

Van: Robert van Waning
Verzonden: zondag 12 juli 2020 12:28
Aan: Fleur de Weerd (f.deweerd@volkskrant.nl) [Geen reactie.]
C.C.: VK Opinie <opinie@volkskrant.nl>; openredactie@volkskrant.nl; ombudsman@nrc.nl

Geachte Fleur de Weerd,

“Sommige lezers, zo blijkt uit lezersonderzoek, zouden wel meer bij de krant betrokken willen worden,” schrijft u in uw artikel ‘Onze lezers blijken net zo kritisch als wij over wat er wel en niet moet worden onderzocht’. (VK 11.07.2020)

Diezelfde soort verbazing bestaat ook bij overheden (gemeente, provincie, rijk). Nauwelijks bekomen van de schrik dat burgers niet dom blijken te zijn, moeten zij nu ook rekening gaan houden met hun wens om te participeren. Het moet niet gekker worden.

Ik heb de indruk dat burgers en lezers wel betrokken mogen zijn, maar niet al te kritisch. Betrokkenheid komt echter juist voort uit onvrede over een gang van zaken cq over publicaties of opiniestukken waarmee men het op grond van eigen opvattingen, kennis en ervaringen oneens is.

Voordat u verder gaat met uw streven om lezers meer bij de krant te betrekken, is het wellicht interessant om te weten of dit in het verleden niet juist werd ontmoedigd?

Omdat ik nooit een reactie ontvang, verzoek ik u om mij op zijn minst een bevestiging van ontvangst van deze email te sturen.

Met vriendelijke groet, 
Robert van Waning
Amstelveen.
_____________________________________________

Is er sprake van ‘open debat’ als gewone burgers daarvan worden uitgesloten?

Van: Robert van Waning
Verzonden: donderdag 9 juli 2020 18:18
Aan: Peter Giesen (p.giesen@volkskrant.nl) [Geen reactie.]

Geachte Peter Giesen,

“De strijd tegen racisme en sociale ongelijkheid mag niet leiden tot intolerantie en het onmogelijk maken van open debat. Dat schrijven ruim 150 prominente kunstenaars, academici, schrijvers en journalisten in een open brief in het Amerikaanse tijdschrift Harper’s. [..] De marges van wat gezegd kan worden zonder de dreiging van represailles worden steeds smaller, stellen zij.)
(Peter Giesen, VK 09-07-2020)

Onmogelijk maken van debat gebeurt ook door reacties op artikelen en columns niet af te drukken, te negeren of zelfs te blokkeren. Kennelijk is dat niet zo ernstig en verontrustend als wanneer bekende opinie- en spraakmakers het zwijgen wordt opgelegd. Er tegen protesteren – voor zover mogelijk – heeft weinig zin en je wordt al gauw als een querulant*) beschouwd.

“NRC onthulde in 2019 en dit jaar dat twee UvA-docenten zich jaren schuldig hadden gemaakt aan grensoverschrijdend gedrag. Het bleek voor studenten moeilijk dit aan de kaak te stellen, omdat zij die een melding willen doen, terechtkomen bij een leidinggevende of vertrouwenspersoon die ondergeschikt is aan het bestuur.”

Er is verschil tussen verbale seksuele intimidatie en onderdrukking van vrije meningsuiting, en ook tussen een universiteitsbestuur en de redactie van een krant. De posities van degenen die bij die gremia een klacht indienen over wangedragingen zijn echter gelijk. De klachtprocedures bieden namelijk weinig kans op een eerlijk onderzoek, laat staan op een bevredigende afwikkeling en passende bestraffing van de overtreders.

Al vele jaren probeer ik – met tussenpozen – een klacht in te dienen voor een m.i. onterechte verbanning van 18 maanden door de redactie van de Volkskrant. Door deze onverdiende sanctie kon ik al die tijd niet reageren op artikelen en columns in de Volkskrant en ook niet deelnemen aan openbare discussies op de website van de krant. Gek genoeg lijken journalisten niet te begrijpen hoe zwaar die straf is. Hun zal dit nooit overkomen. Zij beseffen ook niet hoe lang de nawerking van die sanctie kan voortduren. In openbare discussies op het internet word ik er nog regelmatig meesmuilend aan mijn verbanning herinnerd. Het heeft mijn reputatie en geloofwaardigheid geen goed gedaan.

In kranten worden voortdurend misstanden aan de kaak gesteld, maar zelden bij elkaar. Het kritisch volgen en controleren van de macht geldt niet voor die van media en journalistiek. Door persvrijheid en redactionele vrijheid bestaat er een groot gebied waarin grensoverschrijdend gedrag van welke aard dan ook ongestraft blijft omdat de journalistiek zelf mag uitmaken of er sprake is van wangedrag. Instituten als Ombudsman en Raad voor de Journalistiek doen hier weinig aan omdat zij voortkomen uit, betaald worden door of zich anderszins verwant voelen met hetzelfde bolwerk als waartegen de klager vecht.

Doordat één van de machten in onze maatschappij zichzelf heeft kunnen en ‘mogen’ verheffen boven kritiek is er een scheefgroei ontstaan in de democratische krachtsverhoudingen. Burgers kúnnen immers geen kritiek leveren op pers en media, want die wordt domweg niet afgedrukt of uitgezonden. Politici en bestuurders mógen zulke kritiek niet uiten want dan is het land te klein en de democratie in gevaar: ‘Inbreuk op Persvrijheid!’ Journalisten en columnisten wíllen het niet, deels uit collegialiteit en deels uit angst voor collegiale represailles. 

Als een burgemeester of wethouder mij verbiedt om zijn/haar mening te uiten, dan is er altijd wel een raadslid die daarover vragen wil stellen of anders wel een journalist die er aandacht aan wil schenken. Redacties mogen en kunnen echter naar believen hun lezers en reageerders muilkorven, ook als daarvoor geen gegronde reden voor is en er op het internet ruimte genoeg is. Van de ingezonden brieven wordt slechts 10% afgedrukt. De rest verdwijnt in de prullenbak terwijl die brieven vaak niet uitsluitend gericht zijn aan de redactie maar ook aan andere lezers.

Vrijheid én mogelijkheid van meningsuiting van gewone burgers blijkt een heikele kwestie waar redacties, journalisten en andere opiniemakers liever niet hun vingers branden. Wat dat betreft lijkt het wel op het ‘onbenoemde racisme’ waarover ik u op 14 juni jl schreef maar waarop u niet reageerde.

Als je lastige vragen stelt en maar lang en vaak genoeg geen reactie krijgt, word je vanzelf een zeurpiet of querulant. Dat moet je over hebben voor waarheids- en rechtsvinding.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning (New Orleans, 1942)
[Adres]

*)
Het artikel ‘De querulant en de journalist’ van Henk Blanken stond op de website van De Nieuwe Reporter (DNR).
Het staat (zónder de reacties) op zijn eigen weblog ( https://www.henkblanken.nl/2006/01/03/de-querulant-en-de-journalist/ ),
en mét alle reacties op het mijne: https://wordpress.com/block-editor/post/robertvanwaning.com/398582 .
Wilt u alstublieft ook alle reacties lezen, met name die van prof.dr. Mark Deuze (hoogleraar communicatie ihb journalistiek, UvA) en van mij?


Vrijheid van meningsuiting van reageerders.

Van: Robert van Waning                                     
Verzonden: vrijdag 26 juni 2020 15:10
Aan: ‘p.klok@volkskrant.nl’ <p.klok@volkskrant.nl>     [Geen reactie.]

Geachte heer Klok,

Onrecht wordt niet ongedaan gemaakt door het te negeren of simpelweg te ontkennen. Onrecht verjaart ook niet, hoogstens de bewijsbaarheid en strafbaarheid ervan. De schade die door onrecht wordt aangedaan, kan blijvend en zelfs levenslang voortduren zijn of nog (veel) langer). Van dat laatste zal in dit geval alleen sprake zijn als de Volkskrant rechten van lezers en reageerders blijft schenden omdat die ongeschreven blijven en niet worden erkend en gerespecteerd. 

Een verbanning gedurende anderhalf jaar is een zware sanctie die op zijn minst verdiend moet zijn. Zij werkt veel langer door dan redacties en moderatoren beseffen. Niet alleen rechters kunnen dwalen, maar ook moderatoren, opiniechefs, hoofdredacteuren en zelfs ombudsmannen en -vrouwen.

Bas Mesters was de vierde VK ombudsman cq -vrouw aan wie ik heb gevraagd om te onderzoeken of de mij destijds opgelegde sanctie van verbanning uit de (opgeheven) reactie- en discussieruimte van VK opinie. VK Ombudsman Thom Meens (the best ever) kwam niet verder dan het oordeel dat mijn reactie op een column van Paul Brill wel leek op een persoonlijke aanval. Dat was aantoonbaar onjuist. Daarna hebben Margreet Vermeulen, Anniek Kranenberg, Jean-Pierre Geelen en Bas Mesters zich niet in deze kwestie willen verdiepen, ondanks toezeggingen daartoe.

Ook aan u vraag ik vriendelijk doch dringend om deze oude zaak te willen bestuderen en mij te vertellen wat u ervan vindt. Dit lijkt mij uw tijd en moeite waard, want de kwestie heeft helaas niets aan actualiteit en belang verloren. Ik word er namelijk in publieke discussies op het internet nog vrijwel wekelijks smalend aan herinnerd.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning (New Orleans, 1942)
[etc]

Zie:
https://robertvanwaning.com/2015/11/23/vrijheid-van-meningsuiting-voor-reageerders/
https://start.me/p/VRl9Do/meningsvrijheid

_____________________________________________

Vrijheid van meningsuiting van reageerders.

Van: Robert van Waning         
Verzonden: maandag 1 juni 2020 13:21
Aan: Red VK Ombudsman <ombudsman@volkskrant.nl>      [Geen reactie.]

Geachte Ombudsman,

In dit land moet ik mijn mening toch vrij kunnen uiten.”
(Celal Altuntas.)
“De neiging om andersdenkenden te verbannen begrijp ik niet.”
(Philippe Remarque.)

“De redactie mag schrijven wat ze wil,” schreef u in één van uw columns. Dit leek mij onjuist want ook een krant moet zich houden aan regels van wet en fatsoen. Het was echter tegelijk een open deur want iedereen mag immers schrijven wat hij/zij wil ‘behoudens ieders verantwoordelijkheid voor de wet’.

Op 18 april jl wees ik op een oude kwestie die nimmer is opgelost omdat zij nooit is onderzocht en beoordeeld door één van uw voorgangers. Zowel zij als de vorige hoofdredacteur, Philippe Remarque, hadden beloofd de zaak te bestuderen. Daarvan is het echter nooit gekomen. Ondertussen word ik in discussies op het internet nog vrijwel wekelijks herinnerd: ‘Je werd heus niet voor niets verbannen door de Volkskrant.’ De gevolgen van onrecht verjaren niet.

Onrecht zelf verjaart ook niet, hoogstens de strafbaarheid daarvan of de aansprakelijkheid daarvoor. In dit geval hoeft niemand te worden gestraft en wordt ook niemand alsnog aansprakelijk gesteld, maar ik wil nu graag wel eens een onafhankelijk oordeel horen na grondige bestudering. 

Als een reageerder wordt geblokkeerd of verbannen door een redactie gaat men er voetstoots van uit dat die reageerder het er wel naar gemaakt zal hebben. Het is echter ook een manier om een kritische lezer de mond te snoeren. In tegenstelling tot politici en bestuurders kunnen redacties critici het zwijgen opleggen door hun kritiek domweg niet te plaatsen of uit te zenden. De ‘querulant’ wordt kaltgestellt. Op die manier kan de journalistiek zich onttrekken aan de ‘checks and balances’ die een democratie evenwichtig, transparant, eerlijk en rechtvaardig moeten houden. Deze situatie heeft geleid tot een scheefgroei van de democratische machtsverhoudingen en tot wat terecht wel ‘mediacratie’ wordt genoemd.  

Ik vraag u vriendelijk of dringend om deze oude zaak te willen bestuderen en mij te vertellen wat u ervan vindt. Dit lijkt mij uw tijd en moeite waard, want de kwestie heeft helaas niets aan actualiteit en belang verloren.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning
Amstelveen

_____________________________________________

Vrijheid van meningsuiting van adverteerders
.. en van reageerders.

Van: Robert van Waning                    
Verzonden: zaterdag 18 april 2020 17:50
Aan: Red VK Ombudsman <ombudsman@volkskrant.nl>             [Geen reactie.]

Geachte Ombudsman,

In uw column van 18/4/2020 schrijft u dat een kritische benadering van beleid hoort bij een krant en dus ook in advertenties (mits ondertekend) moet kunnen. Dat lijkt mij nogal logisch. Immers: Vrijheid van meningsuiting, met behoud van ieders verantwoordelijkheid voor de wet. Kennelijk wordt daarover toch ook anders gedacht. U heeft daarop afdoende gereageerd.

In uw column stonden echter een paar opmerkelijke dingen, waarop ik graag wil reageren. Zo schreef u:
‘De redactie mag schrijven wat ze wil.’ Dit lijkt mij onjuist want ook een krant moet zich houden aan regels van wet en fatsoen.  

Het gaat mij echter om de criteria aan de hand waarvan de krant bepaalt of een advertentie geplaatst kan worden. Die lijken minder streng dan de eisen die worden gesteld aan reacties van lezers. Ik heb ervaren dat een reactie van mij in een daarvoor bedoelde ruimte op de website van de krant werd geweigerd terwijl die toch heus in overeenstemming was met de wet, de waarheid, de goede smaak en het fatsoen. Daar bleef het niet bij, want ik werd zelfs gedurende anderhalf jaar(!) verbannen uit VK Opinie en zodoende geblokkeerd van deelname aan de publieke discussies op het (inmiddels opgeheven) openbare forum van de krant.

Dit lijkt een oude kwestie, maar voor mij is het dat niet. Ik word er namelijk nog steeds bijna wekelijks aan herinnerd. Voor iemand die graag deelneemt aan publieke politieke en maatschappelijke discussies op het internet is pijnlijk en lastig. Mijn verbanning door de Volkskrant geldt nog steeds als bewijs dat mijn opvattingen niet deugen en dat mijn meningen dus niet serieus genomen hoeven te worden.

Deze zaak is niet verjaard, omdat ik hem tijdig aan de orde heb gesteld en omdat er nooit een behoorlijke beoordeling van mijn klacht heeft plaatsgevonden, noch door de hoofdredacteur noch door drie opeenvolgende ombudspersonen. Dit kunt u allemaal lezen in onderstaand relaas.

Ik leg deze kwestie nu graag aan u voor, niet alleen omdat deze voor mij persoonlijk belangrijk is maar ook omdat de principiële vraag die erin aan de orde wordt gesteld, tot dusver onbeantwoord is gebleven:

Moet een redactie de vrijheid van meningsuiting van lezers respecteren of mag zij die willekeurig op grond van onwelgevalligheid beperken?

Mijn reactie op de column van Paul Brill was on-topic, legitiem en fatsoenlijk. Kritiek op de Israëlische verovering, kolonisatie, bezetting en annexatie van Palestina, op de discriminatie en onderdrukking van de Palestijnen, op het Israëlische kernwapenbezit en/of op degenen die dat Israëlische beleid steunen of op zijn minst vergoelijken, is echter heikel. Wie zich er toch aan waagt, kan zonder mogelijkheid van verweer worden uitgemaakt voor antisemiet en geëxcommuniceerd, ook als men niemand minacht en discrimineert (laat staan haat) vanwege zijn of haar afkomst.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning (New Orleans, 1942)
[Etc.]

Spelregels voor het Reactie- en Discussieforum van VK Opinie:

  • U kunt reacties plaatsen onder een artikel.
  • Deze reacties moeten echter betrekking hebben op het betreffende artikel. Reacties bij het Volkskrant-commentaar en de brievenrubriek moeten bovendien zijn voorzien van een voornaam (of initiaal) plus achternaam, woonplaats en telefoonnummer.

Verder zijn alle reacties toegestaan, behalve : [..]
Reacties die aan deze criteria niet voldoen kunnen zonder opgaaf van redenen worden verwijderd. Reageerders die de spelregels blijven overtreden krijgen in principe een waarschuwing. Na een waarschuwing kan een reageerder worden geband indien hij/zij de waarschuwing niet in acht neemt. De ban kan tijdelijk of permanent zijn

_____________________________________________

Lijk in de kast wil graag rehabilitatie.

Van: Robert van Waning                                      
Verzonden: maandag 1 juli 2019 12:28
Aan: Peter Klok (hoofdredacteur van de Volkskrant) [ Geen reactie.]

Geachte Pieter Klok,

Hartelijk gefeliciteerd met uw benoeming tot hoofdredacteur van de Volkskrant.

Uw voorganger Philippe Remarque schreef dat u originele invalshoeken bedenkt, altijd in de eerste plaats aan de lezer denkt, de geestelijke ruimte heeft om een ander te begrijpen en dat u bereid en in staat bent om uw oordeel te herzien. Philippe waardeert in u kwaliteiten en eigenschappen waarover hij zelf niet beschikt. Dat is mooi maar wel vrijblijvend.

Ik wil u vriendelijk vragen om de kwestie van mijn onverdiende verbanning door de Volkskrant te willen bestuderen, want die heeft mij in de afgelopen jaren ten onrechte behoorlijk beschadigd. Ik wil graag aanspraak maken op rehabilitatie.

Met vriendelijke groet en de beste wensen voor succes,

Robert van Waning,
Amstelveen.

_____________________________________________

Meningsuiting, Censuur, Verbanning – Politieke cartoons.

(N.a.v. ‘Week van de hoofdredacteur’ door Philippe Remarque, VK 15.06.2019)

Van: Robert van Waning     
Verzonden: zaterdag 15 juni 2019 12:36
Aan: ‘Philippe Remarque’; ‘VK Opinie’ <opinie@volkskrant.nl> [Geen reactie.]

Beste Philippe,

Ga je ooit nog eens toegeven dat mijn verbanning door jouw krant vanwege mijn ironische reactie op een column(!) onterecht, onbehoorlijk en stigmatiserend was?

Of moet ik dat aan je opvolger vragen?

Afgezien van het feit dat ik door die onverdiende verbanning gedurende anderhalf jaar niet heb kunnen deelnemen aan het publieke debat op het openbare internetforum van de Volkskrant, heb ik daarvan jarenlang (en nog steeds) op andere fora last gehad van de stigmatisering. Opponenten gebruikten het om mij te diffameren.

Wat ik had geschreven*) was gefundeerd en niet onfatsoenlijk. Onrecht verjaart nooit.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning,
*) Verbannen door de Volkskrant vanwege meningsuiting  ( http://wp.me/p1mUd8-1ERt )

_____________________________________________

‘Opinie betekent bij ons ook sinds jaar en dag scherpe meningen van anderen.’

(Philippe Remarque, in ‘Week van de hoofdredacteur, VK 23/9 jl.)

Van: Robert van Waning                         
Verzonden: zondag 24 maart 2019 12:50
Aan: ‘Philippe Remarque’ ; ‘Red Vkr Alg Redactie’             [Geen reactie.]

Beste Philippe,

Een overeenkomst tussen dictators en columnisten is dat zij niet kunnen worden tegengesproken. Gelukkig zijn er ook verschillen, maar nóg een overeenkomst is dat beiden veel invloed hebben op de publieke meningsvorming. Als de journalistiek niet de kritiek krijgt die zij – net als alles en iedereen in een democratie – verdient, kan zij inderdaad een bedreiging vormen waartegen niemand kan en mag optreden.  (Alleen) wat dat betreft heeft Thierry Baudet helaas gelijk.

In jouw column ‘Baudet is niet onze vijand’ (VK 23.9.2019) schrijf je: “Opinie betekent bij ons ook sinds jaar en dag scherpe meningen van anderen [..].” Je belijdt fraaie principes, maar jij en jouw redactie hebben moeite om je daaraan in de praktijk te houden. Dat bleek wel toen je mij gedurende anderhalf jaar hebt (laten) verbannen uit de reactie- en discussieruimte op de website van jouw krant zonder dat daarvoor enige geldige reden bestond. Die werd dan ook nooit gegeven. Are Elshout schreef destijds zonder nadere toelichting dat mijn kritiek op columns van Paul Brill ‘bedenkelijk’ was. Dat is niet discussiëren maar suggereren. Ik heb nooit iets verkeerds, bedenkelijks of ongepastst geschreven. Ik had bezwaar tegen Brills hetze tegen Iran en zijn opvallende mildheid als het over verwerpelijke gedragingen van Israël ging. Hiervoor werd op het ‘opinieforum’ van de Volkskrant geen ruimte geboden.

Sinds die verbanning draag ik het stigma van bedenkelijkheid zonder mij te hebben kunnen verweren. Excuses en herstel van de reputatieschade bleven uit. Die verbanning wordt mij nog steeds nagedragen en jouw opiniechef Henk Müller weigert nog steeds om brieven van mij te plaatsen, ongeacht het onderwerp. Als bewaker van democratie en rechtsstaat en als promotor van het publieke debat slaat de Volkskrant een slecht figuur.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning,
Amstelveen.

PS
De volgende dialoog in ‘Het Raadsel Van Spinoza’ van Irvin D. Yalom (p 41) deed mij aan Thierry Baudet denken:

‘[Houston Stewart:] Chamberlain gebruikt verheven taal en doet net alsof hij onze nobele inborst aanspreekt, maar volgens mij wakkert hij juist onze meest basale instincten aan.’
‘Hoe verklaar je zijn populariteit?’’
‘Hij schrijft erg overtuigend. En hij maakt indruk op onontwikkelde mensen.’
_____________________________________________

‘De Gelijkhebbenden’

Van: Robert van Waning
Verzonden: vrijdag 8 maart 2019 15:37
Aan: ‘Vkr Brieven Red’ <brieven@volkskrant.nl>
Onderwerp: Aan Paulien Cornelisse (re: ‘De gelijkhebbenden’) [Geen reactie.]

Geachte mevrouw Cornelisse,

In uw column ‘Verpakking’ (VK 6/3 jl) had u het smalend over ‘de zegetocht van de gelijkhebbenden’ die al lang wisten dat de mensheid de natuur om zeep helpt.

De ultieme gelijkhebbenden zijn degenen die hun opvattingen en meningen kunnen uiten (en zelfs publiceren) zonder dat zij kunnen worden tegengesproken, laat staan bekritiseerd. Ik bedoel natuurlijk de columnisten, commentaarschrijvers, presentatoren, recensenten, journalisten, etc. Door hun onaantastbare positie zijn zij écht een apart slag mensen.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning,
Amstelveen.

PS
‘Gelijkhebbenden’ wisten inderdaad al omstreeks 1970 dat de opwarming van het klimaat met 2 graden door de uitstoot van verbrandingsproducten wetenschappelijk was berekend. Een kind kon begrijpen dat dit ook veel ongewenste gevolgen zou hebben. De meeste mensen wilden het toen liever niet horen en nu nog steeds niet. Zij worden gesteund door De Telegraaf en door columnisten in sommige andere kranten.

_____________________________________________

Regime-verandering in Iran is inderdaad riskant, net als destijds in Irak.

Van: Robert van Waning
Verzonden: dinsdag 24 juli 2018 12:20
Aan: A.Elshout@Volkskrant.nl [Geen reactie.]
CC: ‘Philippe Remarque’

(Niet voor publicatie.)

Geachte Arie Elshout,

In uw Analyse ‘Trump kiest bij Iran voor confrontatie’ (*) (VK 24/7 jl) schreef u:

“Dit gaat verder dan druk uitoefenen, dit klinkt als een wens tot regime-verandering. Mocht dat uiteindelijk Trumps streven zijn, dan begeeft hij zich op een gevaarlijk pad waarvan niemand weet waar dat eindigt.”

Sinds u (net als Philippe Remarque) een verklaard voorstander was van de Amerikaanse invasie in Irak bent u gelukkig realistischer en voorzichtiger geworden. Toen wist u ook niet waartoe het zou leiden, maar dat was geen relevante overweging. Volgens Philippe waren de VS ‘berechtigd’ tot een invasie en regime change, en dat was volldoende.

Destijds heb ik regelmatig bezwaar gemaakt tegen de oorlogshetze die in opiniestukken van de Volkskrant tegen Iran werd gevoerd. Dit heeft zelfs geleid tot een verbanning van anderhalf jaar(!) uit het reactie- en discussieforum van uw krant, zonder dat daartoe een geldige reden bestond. U vond die maatregel niettemin gerechtvaardigd.

Op openbare platforms voor publiek debat ondervind ik zelfs nu nog, vele jaren later,  last van die onterechte en stigmatiserende sanctie. Een rehabilitatie was op zijn plaats geweest, maar ik heb daar tevergeefs om verzocht.

‘De journalistiek verdient tegenspraak’ was destijds het motto van mijn VK weblog ‘Donqui’. Zoals u wellicht weet hebben directie en hoofdredactie dit weblog opgeheven en (inclusief alle blogs, reacties en discussies) verkwanseld aan de Finse uitgeverij Sanoma. Die hebben het verdonkeremaand. Media (inclusief de journalistieke kwaliteitskranten) houden niet van kritiek en ‘mogen’ die onderdrukken zoveel als zij willen.

Zonder een open en eerlijk publiek debat is er geen sprake van democratie. De waakhonden daarvan denken daar helaas anders over.

Ik stuur een afschrift hiervan naar Philippe, maar ik denk dat hij mij heeft geblokkeerd. Ook hij kan niet tegen kritiek.

Met vriendelijke groet,
Robert van Waning (New Orleans, 1942),
‘Verbannen door de Volkskrant vanwege meningsuiting’

*) Trump kiest juist meestal voor confrontatie. Dat is zijn methode.

_______________________________________

“En dan is er ineens een nieuwe hoofdredacteur.”

“En dan is er ineens een nieuwe hoofdredacteur. Woensdag verzamelde de redactie zich om te horen wat de sollicitatiecommissie had besloten, in het zaaltje niet ver van de krant waar ook ik negen jaar geleden aan de redactie ben gepresenteerd. Annet Aris, voorzitter van Stichting de Volkskrant, hield de spanning er nog even in. Toen ze de naam Pieter Klok uitsprak, klonk een luid applaus. Na de motivatie (‘bewezen journalistieke excellentie, bevlogenheid en vermogen te inspireren’) en nog wat heen en weer gepraat was het tijd Pieter naar binnen te halen.

Ikzelf had negen jaar geleden zitten zweten in het café naast het zaaltje. Dus ik zwaaide de deur open, maar trof Pieter niet aan. Buiten: niets. ‘Is dat hem misschien’, zei de kroegbaas, en wees op een oude man op het terras. Zo erg is het ook weer niet met ons gesteld. Ik belde Pieter. Hij bleek vlakbij te zijn, kwam binnen en hield een mooie toespraak. Ik leunde achterover, voor het eerst in jaren zonder rol. Een beter gevoel dan ik had verwacht.

We hieven het glas op de nieuwe hoofdredacteur. Een goede, voorspel ik. Niemand heeft zoveel gevoel voor wat de Volkskrant moet zijn, van onderzoeksjournalistiek tot magazinecolumn. Pieter veert op bij nieuws, bedenkt originele invalshoeken en heeft een vlijmscherp oordeel over goed en slecht schrijven. Hij denkt altijd in de eerste plaats aan de lezer. Maar hij kan ook overal om lachen en heeft de geestelijke ruimte om een ander te begrijpen en zijn oordeel te herzien. De verbeteringen aan de krant van de afgelopen jaren zijn voor een flink deel aan hem toe te schrijven. Opwekkend detail: hij komt elke dag op de racefiets uit Ilpendam naar de redactie. Wat wil hij? Een krant die begrip aanwakkert in de samenleving en geen verontwaardiging stimuleert, die toegankelijk, nieuwsgierig en open is en geen partij kiest, zei hij. Zo blijven u en ik de Volkskrant graag lezen.”

Reageren?
p.remarque@volkskrant.nl
_____________________________________________

Schrijvers vrezen intolerantie bij debat

PETER GIESEN. VK 09.07.2020

De strijd tegen racisme en sociale ongelijkheid mag niet leiden tot intolerantie en het onmogelijk maken van open debat. Dat schrijven ruim 150 prominente kunstenaars, acade- mici, schrijvers en journalisten in een open brief in het Amerikaanse tijdschrift Harper’s.

Tot de ondertekenaars behoren schrijvers Margaret Atwood, J.K. Rowling en Salman Rushdie, wetenschappers Steven Pinker, Francis Fukuyama en Noam Chomsky, trompettist Wynton Marsalis en choreograaf Bill T. Jones.

De ondertekenaars, merendeels uit de Verenigde Staten, steunen de protesten die uitbraken na de dood van de zwarte arrestant George Floyd in Minneapolis. Ze hekelen echter de in hun ogen intolerante opstelling van sommige activisten. Wie iets relativerends zegt over de omvang van racisme, of de ‘goede zaak’ niet enthousiast genoeg steunt, wordt volgens hen meteen aan de schandpaal genageld. ‘De vrije uitwisseling van informatie en ideeën, het levensbloed van de liberale samenleving, wordt elke dag meer beperkt’, schrijven zij.

In de open brief worden geen concrete voorbeelden gegeven, maar in The New York Times noemt een van de opstellers, schrijver Thomas Chatterton Williams, een aantal gevallen. Zoals data-analist David Shor, die werd ontslagen bij een consultancybureau, omdat hij tweette over een wetenschappelijk artikel waarin een verband werd gelegd tussen de gewelddadige rellen in 1968 en de verkiezing van Richard Nixon tot president.

‘Witte poortwachters’

Een ander voorbeeld is het uit elkaar vallen van het bestuur van de National Book Critics Circle, nadat een wit bestuurslid bezwaar had gemaakt tegen een verklaring waarin de Amerikaanse uitgevers werden beschreven als ‘witte poortwachters die zwarte stemmen op alle niveaus van onze branche hebben gesmoord’.

Ook het bestuur van de Poetry Foundation moest opstappen, nadat een steunbetuiging aan de zwarte gemeenschap door dertig dichters als ontoereikend werd beoordeeld. Het bestuur verklaarde zich solidair en wees op de kracht van poëzie in tijden van wanhoop. De boze dichters beschouwden deze ‘waterige’ woorden als een vorm van geweld, ‘gezien de zaak die op het spel staat, die gelijk staat aan niets minder dan genocide op zwarte mensen’.

In de Verenigde Staten bestaat al langer kritiek op activisten die tegenstanders ‘cancelen’, bijvoorbeeld door spreekbeurten onmogelijk te maken of bij werkgevers op ontslag aan te dringen. Ook omstreden is het streven naar safe spaces, vooral aan universiteiten; veilige havens waar geen geluid mag worden gehoord dat als racistisch, seksistisch, transfoob, homofoob of anderszins onveilig kan worden ervaren.

Zelf onder vuur

Sommige ondertekenaars hebben zelf onder vuur gelegen. Ian Buruma moest aftreden als hoofdredacteur van de New York Review of Books nadat hij een stuk had gepubliceerd van een man die beschuldigd was van seksueel misbruik. Harry Potter-schrijver J.K. Rowling werd fel bekritiseerd vanwege ‘transfobe’ opmerkingen op Twitter.

‘Over de hele wereld winnen de onliberale krachten terrein en ze hebben een machtige bondgenoot in Donald Trump. Het verzet hiertegen mag niet verstarren in een eigen soort dogma en dwang – die al geëxploiteerd worden door rechtse demagogen’, schrijven de 153 ondertekenaars in hun open brief.

De marges van wat gezegd kan worden zonder de dreiging van represailles worden steeds smaller, stellen zij. De prijs daarvoor wordt volgens hen al betaald doordat schrijvers, kunstenaars en journalisten minder risico’s durven te nemen, uit angst voor hun broodwinning als zij zich van de consensus verwijderen of zelfs als zij een zaak met onvoldoende geestdrift steunen. ‘Als schrijvers hebben wij een cultuur nodig die ruimte laat voor experiment, het nemen van risico’s, zelfs het maken van fouten.’

[EINDE]

 

Modetator of dicterator? Moderator is concierge, stadswacht, soms politie-agent, maar geen baas.

Gedachten zijn vrij. Meningen ook, maar dan wel binnen bepaalde grenzen. Die zijn deels wettelijk bepaald en deels afhankelijk van de omstandigheden. Sommige meningsuitingen zijn wettelijk verboden, andere zijn hoogstens onverstandig. Daartussen ligt nog een heel scala van enerzijds rechten en anderzijds beperkingen van vrije meningsuiting. In situaties waarin om welke reden dan ook beperkingen worden opgelegd aan dat grondrecht, dienen die voor alle betrokken partijen duidelijk te zijn. Dat de gebruiksvoorwaarden van de Volkskrant niet aan die eis voldoen, blijkt wel uit de discussie die hierover al vele jaren wordt gevoerd.

Hieronder geef ik een paar VK weblogs die hierover gaan.

Ik hoop dat de laatste woorden over deze omstreden kwestie nog niet zijn geschreven (of inmiddels al weer zijn verwijderd).

Waarom de Volkskrant niet vrij is om te censureren.
dinsdag 29 juni 2010 20:13 door Mihai Martoiu Ticu
Tags: vkblog, redactie vkblog, moderatie, volkskranblog
Kan de Volkskrant zomaar met hemelse almacht de scepter op het forum en weblog zwaaien? Ik denk van niet. Je zou kunnen zeggen dat de Volkskrant-site privébezit is van de krant. Wie betaalt bepaalt. Dat zou waar zijn als de site inderdaad een gesloten clubje zou zijn, met een beperkte deelnemende elite, met clubpasjes, conciërge en wachthonden. Dat is echter niet het geval.

Moderator, wat hebben wij aan ons recht van vrije meningsuiting zonder de mogelijkheid daartoe?

Geachte Moderator,
Vanwege mijn kritiek op de gebruiksvoorwaarden heeft u mij onlangs geblokkeerd van uw weblog. Daarom kan ik helaas alleen op deze manier reageren op wat u daar schreef:

Voor alle andere bloggers verandert er helemaal niets. Er kan nog net zoveel gezegd en gedaan worden als vroeger, mits binnen de gebruikersregels.”

Die gebruiksvoorwaarden gunnen u als moderator echter het recht om ten allen tijde en zonder opgave van reden reacties, bijdragen en weblogs te verwijderen. Als één partij alle rechten, alle ruimte en alle mogelijkheden opeist, hoeveel blijft er dan nog over voor de anderen?

Hoeveel recht, vrijheid en mogelijkheid hebben wij burgers nog om dingen te schrijven die de redactie niet bevallen?

Het weblog vormt geen onderdeel van de krant als journalistiek product. Het is opgezet en bedoeld als openbaar forum voor publieke debat, omdat de initiatiefnemers beseften dat de journalistiek (en dus ook deze krant) niet de wijsheid in pacht heeft, niet per definitie altijd gelijk heeft, niet in een ivoren toren moet leven, en vooral ook niet het monopolie over de publieke meningsvorming mag uitoefenen.

Doorgaan met het lezen van “Moderator, wat hebben wij aan ons recht van vrije meningsuiting zonder de mogelijkheid daartoe?”

Volkskrant, open uw vizier en benoem uw nieuwe identiteit en gewijzigde signatuur!

Vandaag (25/9) zette de Volkskrant zeven(!) opiniestukken over Joodse cq Israëlische kwesties ter openbare discussie op haar website:

– ‘Het raketschild en de Afghaanse connectie’, door Paul Brill (VK 18/9; gaat natuurlijk wéér over Iran en -Israël);
– ‘Goldstone laat kans op debat in Israël liggen’, door David Landau (VK 22/9).
– ‘Stop Iran voor het te laat is’, door Yanaï Bar e.a. (VK 23/9).
– ‘Waren superjoden Übermenschen?’, door Max Pam (VK 24/9).
– ‘Weerbarstig’, hoofdredactioneel Commentaar van 24/9 waarin de anonieme commentaarschrijver zich namens de Volkskrant uitspreekt tégen een bouwstop van de illegale Joodse nederzettingen in de door Israël bezet (en stelselmatig geannexeerd en gekoloniseerd) Palestijnse gebied.
– ‘Leugens over Joden’, door Nausicaa Marbe (VK 25/9).
– ‘VS bestrijden klimaatverandering fel’, door Fay Hartog Levin (VK, 22/9).

Het laatstgenoemde artikel lijkt niet in het rijtje thuis te horen, maar aangezien de VS altijd een Joodse ambassadeur naar Nederland sturen met het oog op de doorvoer van Amerikaans wapentuig via ons land naar Israël, moet alles wat die ambassadeur doet, zegt of schrijft, gezien worden in het licht van Israëlische p.r. en belangen.

Doorgaan met het lezen van “Volkskrant, open uw vizier en benoem uw nieuwe identiteit en gewijzigde signatuur!”