De ombudsman mijmert nog over goeie ouwe journalistiek, maar de uitverkoop gaat gewoon door.

“Is het echt zo erg gesteld met de vaderlandse journalistiek dat er geen jaar voorbij kan gaan zonder dat iemand zijn ongenoegen uit over ‘de media’? vraagt ombudsman Thom Meens zich af. De schat.

Er zou GEEN DAG voorbij mogen gaan zonder dat kritisch werd gekeken naar de rol van de journalistiek in de beïnvloeding van de publieke meningsvorming. En dus ook geen dag zonder dat werd vastgesteld dat de journalistiek zich bewust (en succesvol) weet te onttrekken aan het stelsel van checks and balances dat ons democratische stelsel betrouwbaar houdt door van alle actoren (ik herhaal: álle) te verlangen dat zij verantwoording afleggen voor hun doelstellingen en werkwijzen. “Die bepalen en controleren wij zelf wel,” vinden Thom Meens en zijn hoofdredacteur Pieter Broertjes. En zij komen er nog mee weg ook. Althans, tot dusver.

Hier ligt een mooie taak voor de bloggende burgers om de zaak weer een beetje in evenwicht te brengen.

De journalistiek controleert de macht, maar niemand controleert de journalistiek, ook al vormt zij in onze mediacratie de allergrootste macht als het gaat om informatie (in al zijn modaliteiten) en wat belanghebbenden daar allemaal mee kunnen doen. Sovjet-leiders zouden postuum jaloers kunnen worden op zoveel ongecontroleerde macht en invloed.

“Wie zich gepakt voelt, kan naar de rechter stappen,” zeggen Meens en Broertjes, wetend dat zij van die kant niets te duchten hebben.

Doorgaan met het lezen van “De ombudsman mijmert nog over goeie ouwe journalistiek, maar de uitverkoop gaat gewoon door.”

"Read what bloggers are saying about this article."

Gezien in de internetversie van The Washington Post: Bij ieder artikel staat een blokje waarin je kunt klikken naar blog-commentaren op dat artikel. Kijk, dan begint het bloggen pas echt te werken. Journalisten, columnisten en commentatoren voelen dan immers voortdurend de ‘hete adem’  van bloggende lezers in hun nek. Dan krijg je eindelijk meer interactie tussen de auteurs en hun lezers, en verdwijnt de grauwsluier van journalistieke vrijblijvendheid die onze kranten vaak zo tenenkrommend maakt om te lezen.

Het is hier niet zo goed te zien, maar in de blokjes staat de volgende tekst:

  • Who’s Blogging? Read what bloggers are saying about this article.
  • Full List of Blogs (2 links)
  • Most Blogged About Articles
  • On washingtonpost.com | On the web

Bron: The Washington Post van 15 februar 2006

Ik heb deze suggestie ook per e-mail naar VK blog-chef Bogaerts gestuurd, maar die heeft nog niet gereageerd.

Doorgaan met het lezen van “"Read what bloggers are saying about this article."”

Pieter Broertjes: Journalistieke hypocrisie is ook kwetsend..

Ombudsman Thom Meens schrijft in zijn laatste column (11/2/2006) dat media in het algemeen wel degelijk rekening houden met gevoelens van derden en zich dus houden aan de, weliswaar ongeschreven, algemene regel dat je niemand onnodig kwetst.

“Wie zich gepakt voelt, kan een beroep doen op de rechter”.

Lekker makkelijk, doe de vuile was de deur uit, dan heb je er verder geen omkijken meer naar. Iedereen weet immers dat rechters nog banger zijn dan politici als het gaat om de vrijheid van de heilige koeien van de pers om te doen en te laten wat zij willen. Uitspraken van de rechter en van de Raad voor de Journalistiek worden bovendien niet of nauwelijks zichtbaar gepubliceerd en kunnen ook nooit opwegen tegen de schade en pijn die een kwetsende cartoon of een gemeen rotartikel in vierhonderdduizendvoud aanricht.

Die mogelijkheid van een rechtsgang is natuurlijk ook je reinste flauwekul. Daarna voelt men zich alleen maar dubbel gepakt, omdat men ook nog eens zo’n hele ingewikkelde, tijdrovende en vaak kostbare procedure moest doormaken, met uiterst weinig kans op een bevredigend resultaat.

Doorgaan met het lezen van “Pieter Broertjes: Journalistieke hypocrisie is ook kwetsend..”

Burgerjournalisten: Zijn dat nu burgers of journalisten?

Volgens Mark Deuze zijn de grenzen tussen maker (journalist) en gebruiker (burger) inmiddels vervaagd. Dit schrijft hij althans in Iedereen is journalist. De conclusie dat burgers dus gewoon de taken van de journalistiek kunnen overnemen, gaat voor Deuze echter te ver:

“Journalistiek lijkt niet meer nodig omdat iedereen journalist is. De journalistiek lijkt overbodig omdat de samenleving steeds meer een redactioneel karakter krijgt, waar iedereen voortdurend met elkaar in nieuwsvergadering zit om te besluiten wat de meest belangrijke en relevante informatie van de dag, het uur of het moment is. Desondanks laat vooral het voorbeeld van het Amerikaanse Bluffton Today zien dat de journalistiek wel degelijk bestaansrecht heeft – ten minste als het er in slaagt om het gesprek dat de samenleving met zichzelf heeft te versterken en er aan deel te nemen als gelijke.”

Er is dus nog toekomst voor de journalistiek. Die is echter niet voor haar weggelegd als zij als een soort Hebron-kolonisten schimpwoorden en uitwerpselen blijft gooien naar alles wat niet tot de eigen superieure groep behoort. Journalisten zullen zich moeten herbezinnen op hun plaats en functie in de wereld van blogburgers.

Doorgaan met het lezen van “Burgerjournalisten: Zijn dat nu burgers of journalisten?”

Het weblog biedt tegenspraak aan de journalistiek. En dat is nodig ook.

Wat de journalistiek nodig heeft, is meer weerwerk en tegenspraak.  Met de komst van internet en het blogwezen, is dat technisch gemakkelijk te realiseren, maar de geesten zijn nog onwillig. Journalisten houden namelijk niet van tegenspraak. Bij het minste woord van kritiek (van wie dan ook) raken zij helemaal van slag.  Dit kan soms zó erg zijn dat zij spontaan hun functie van waakhond van onze democratische rechtsstaat vergeten en gaan proberen om die kritiek te onderdrukken!

Dit is voor journalisten heel gemakkelijk, want  zij bedienen immers zelf de knoppen van de drukpersen, de microfoons en camera’s. Kritische brieven en opmerkingen worden gewoon niet afgedrukt respectievelijk niet uitgezonden en kritische weblogs worden gewoon verwijderd. Ho! Dat laatste blijkt niet te mogen van de Gebruiksvoorwaarden en ook niet van onze Grondwet. Vervelend voor de journalistiek, maar goed voor de democratie.

Democratie bestaat immers bij de gratie van de mogelijkheid van kritiek en tegenspraak. Het democratische gehalte van een land is af te lezen aan de manier waarop wordt omgegaan met kritiek en critici. Ditzelfde geldt voor de ware democratische gezindheid van journalistieke media. Hoe gaan zij met kritiek om en welke vrijheid en status hebben hun critici?

Doorgaan met het lezen van “Het weblog biedt tegenspraak aan de journalistiek. En dat is nodig ook.”

De Ombudsman is een loyale collega-papegaai.

Gezellige Kerstdagen, allemaal!

De laatste column van ombudsman Thom Meens over de mores van het weblog was zó eenzijdig, bevooroordeeld en kwetsend dat het nog even zal duren voordat ik hier rustig en nuchter op zal kunnen reageren. Eerst maar eens tot tienduizend tellen. Bovendien gaan we zodadelijk ergens gezellig dineren. Dan moet je hoofd niet vol zitten met dit soort kwesties.

De titel van mijn reactie wist ik al snel: ‘De ombudsman is een loyale collega-papagaai.’ In korte tijd is hij namelijk de vierde(!) Volkskrantjournalist die mij in een publicatie een ‘zeurpiet’ heeft genoemd.

‘De krant heeft belang bij kritische lezers,’ schreef Piet Hagen oud-hoofdredacteur van’de Journalist’ in zijn wekelijkse column ‘De krant achteraf’ in NRC Handelsblad van 23/12 jl. Dit besef blijkt nog niet doorgedrongen tot het papegaaiennnest aan de Wibautstraat in Amsterdam. Daar worden kritische lezers nog in koor ‘zeurpieten’ genoemd door ‘een benarde culturele elite die op steeds schrillere toon van zich af probeert te bijten’. (Gepikt van Bas Heijne NRC 31/12/05), die het over iets anders had.)

Doorgaan met het lezen van “De Ombudsman is een loyale collega-papegaai.”

De willekeur regeert op het weblog van de Volkskrant.

Na de plotselinge blokkade van mijn bijdragen aan de weblog van Bert Wagendorp (zie het verslag elders op mijn weblog) had ik een bericht geplaatst op de weblog van moderator G-J Bogaerts over de mogelijkheid om berichten van bepaalde ip-nummers te blokkeren.

Ik bedankte daarin G-J namens Bert Wagendorp voor deze fantastische nieuwe mogelijkheid waar Bert meteen ook dankbaar gebruik had gemaakt. Ik citeerde tevens de tekst van de mededeling die ik op mijn scherm kreeg (“waarschijnlijk misbruik”) en de acht renenen waarom de journalistiek te weinig wordt gecontroleerd en bekritiseerd in vergelijking tot de checks and balances waaraan de overige actoren in het democratisch krachtenveld onderworpen zijn en die onze maatschappij rechtvaardig, transparant en evenwichtig houden.

Met uitzondering van de journalistiek dus.

Doorgaan met het lezen van “De willekeur regeert op het weblog van de Volkskrant.”

Weblog dient niet voor kritiek op journalistiek. Of juist wel?

Alle ellende begint  met het onderdrukken van meningen. 

Bert Wagendorp heeft mij levenslang verbannen van zijn weblog. Dit gebeurde zonder enige aankondiging, laat staan motivering. Hieronder een weergave van de discussie die aan die beslissing voorafging.

Onrecht aandoen is vrij eenvoudig. Vaak is één woord of handeling al voldoende. Zich verweren tegen onrecht of proberen dit ongedaan te maken is een moeizaam, langdurig en meestal hopeloos proces.

Mijn bijdragen zijn altijd gericht op feiten, standpunten en argumenten, en bevatten geen scheldwoorden of onbehoorlijk taalgebruik.  Zij zijn wel kritisch en sommige mensen vinden het gezeur om niks. Mijn vraag is dan of het verboden is om kritisch te zijn en/of te zeuren?

Doorgaan met het lezen van “Weblog dient niet voor kritiek op journalistiek. Of juist wel?”

Commentaargroep, wie bent u eigenlijk?

Met het risico van ‘blogknuffelen’ (term van Alib) wil ik de Commentaargroep (wie dat ook mogen zijn) graag bedanken en complimenteren voor hun beslissing om hun weblog vrij te geven voor rechtstreekse reacties. En nu maar hopen dat veel lezers op constructieve wijze deze vrijheid én mogelijkheid van meningsuiting zullen benutten om de Volkskrant het openlijke weerwoord te bieden dat nog te vaak ontbreekt.

Het gebrek aan tegenspraak en aan mogelijkheden tot openlijke kritiek op de journalistiek vormt immers een zwakke plek in het stelsel van checks and balances dat onze democratie evenwichtig, transparant en fit moet houden.

Nu het Commentaar eindelijk is vrijgegeven voor rechtstreekse reacties, heb ik een volgende wens voor de Commentaargroep: Maak u bekend, open uw vizier en laat uw lezers weten wie het hoofdredactionele Commentaar schrijft. Want wat is de waarde van een mening waar niemand persoonlijk verantwoordelijkheid voor wil nemen? Hoe kunnen lezers beoordelen hoe onafhankelijk en betrouwbaar een commentaarschrijver werkelijk is, als zij geen verbanden kunnen leggen tussen de teksten die hij/zij schrijft?

Doorgaan met het lezen van “Commentaargroep, wie bent u eigenlijk?”