De commentator van de Volkskrant gunt ons een kijkje in de fortuyneske kloof tussen journalistiek en burger. Hij/zij mengt zich in het papegaaienkoor van ‘columnisten, cabaretiers en andere satirici die elke gelegenheid ‘tot ‘Verdonk-bashing’ dankbaar aangrijpen.
“Intussen heeft ze wel gescoord bij haar achterban,” klinkt het zuur vanuit de hoek waar steeds meer mensen zich door gebrek aan inspiratie en instemming van afwenden. Alleen VK-verslaggever Ron Meerhof laat zien dat hij het contact met de tramconducteur en de burger in de straat niet verloren is: “De gemeente Rotterdam heeft een gedragscode opgesteld waar niemand echt van opkijkt,” schrijft hij. En zo is het. De meeste mensen vinden het de normaalste zaak van de wereld vinden dat burgers in het publieke domein in principe dezelfde taal met elkaar spreken. Zonder dwang, maar gewoon vanzelfsprekend. Anders heb je geen publiek domein, geen openbaar leven, geen gemeenschap en ook geen samenleving. Wie dat wil, moet zijn agenda maar eens openbaar maken.
Nederlands ís de ‘eigen taal’ van Nederlandse burgers, dus wat zeurt de Commentaargroep over een ‘treurig dieptepunt’ waarin minister Verdonk ons land nu weer gedompeld zou hebben? Het enige wat zij heeft gedaan is haar instemming betuigen met de ‘Rotterdam Code’ en voorstellen om deze in al of niet aangepaste vorm te verheffen tot landelijk niveau. Een goed idee, als het niet zo ontzettend logisch was.
Doorgaan met het lezen van “Nederlands ís de 'eigen taal' van de inwoners van dit land.”