De willekeur regeert op het weblog van de Volkskrant.

Na de plotselinge blokkade van mijn bijdragen aan de weblog van Bert Wagendorp (zie het verslag elders op mijn weblog) had ik een bericht geplaatst op de weblog van moderator G-J Bogaerts over de mogelijkheid om berichten van bepaalde ip-nummers te blokkeren.

Ik bedankte daarin G-J namens Bert Wagendorp voor deze fantastische nieuwe mogelijkheid waar Bert meteen ook dankbaar gebruik had gemaakt. Ik citeerde tevens de tekst van de mededeling die ik op mijn scherm kreeg (“waarschijnlijk misbruik”) en de acht renenen waarom de journalistiek te weinig wordt gecontroleerd en bekritiseerd in vergelijking tot de checks and balances waaraan de overige actoren in het democratisch krachtenveld onderworpen zijn en die onze maatschappij rechtvaardig, transparant en evenwichtig houden.

Met uitzondering van de journalistiek dus.

Doorgaan met het lezen van “De willekeur regeert op het weblog van de Volkskrant.”

Weblog dient niet voor kritiek op journalistiek. Of juist wel?

Alle ellende begint  met het onderdrukken van meningen. 

Bert Wagendorp heeft mij levenslang verbannen van zijn weblog. Dit gebeurde zonder enige aankondiging, laat staan motivering. Hieronder een weergave van de discussie die aan die beslissing voorafging.

Onrecht aandoen is vrij eenvoudig. Vaak is één woord of handeling al voldoende. Zich verweren tegen onrecht of proberen dit ongedaan te maken is een moeizaam, langdurig en meestal hopeloos proces.

Mijn bijdragen zijn altijd gericht op feiten, standpunten en argumenten, en bevatten geen scheldwoorden of onbehoorlijk taalgebruik.  Zij zijn wel kritisch en sommige mensen vinden het gezeur om niks. Mijn vraag is dan of het verboden is om kritisch te zijn en/of te zeuren?

Doorgaan met het lezen van “Weblog dient niet voor kritiek op journalistiek. Of juist wel?”

Etnomarketing is OK. Etnojournalistiek niet.

Na jaren van ontzuiling zien wij deze nu toch weer terugkeren, maar nu in een vorm die diepere wortels heeft en dus hardnekkiger én gevaarlijker zal blijken te zijn dan de vorige. De multiculturalisering en etnificering van onze samenleving leidt tot het institutionaliseren van scheidslijnen tussen bevolkingsgroepen op grond van criteria die tot voor kort (terecht!) ondenkbaar en onbespreekbaar waren, namelijk behalve religie nu ook nationaliteit, etniciteit, groepscultuur en zelfs genetische eigenschappen.

Dit heeft allerlei gevolgen op veel maatschappelijke terreinen, maar ik wil hier graag even stilstaan bij de vraag of de toename van etnojournalistiek even logisch, onvermijdelijk en wenselijk is als etnomarketing.

Doorgaan met het lezen van “Etnomarketing is OK. Etnojournalistiek niet.”

De waakhond van onze democratie is vals

Lezer Dr. Jan Berden uit Abcoude schreef aan de hoofdredacteur van NRC Handelsblad:

“Ik moet steeds constateren dat de media er op uit zijn de overheid in een kwaad daglicht te stellen. Helaas zie ik steeds vaker dat ook deze zogenoemde kwaliteitskrant met de meute meedoet. Waar blijft uw journalistieke verantwoordelijkheid?”
(De lezer schrijft, 19/11 jl)

Hoofdredacteur Jensma antwoordde in zijn rubriek: “Ik kan me daar niet in vinden.”

Einde discussie? Ja, want journalisten discussiëren niet. Het is al heel wat als zij überhaupt reageren. Een politicus of bestuurder zou hier natuurlijk nooit mee wegkomen. Voor de journalistiek gelden in onze democratie echter andere regels. De belangrijkste is: Wij bepalen zelf onze regels, voorwaarden en verantwoordelijkheden. En: Wij hoeven tegenover niemand verantwoordelijkheid af te leggen, behalve misschien soms tegenover onze collega’s als die zo dom en oncollegiaal zijn om hun eigen nest te bevuilen. Doorgaan met het lezen van “De waakhond van onze democratie is vals”

'Multiculturele samenleving' was niet democratisch gelegitimeerd.

Op 4 januari 2005 stuurde ik een brief naar Dr. Kees Schuyt (lid van de WRR en columnist van de Volkskrant) over zijn standpunt mbt het multiculturalisme. Hoewel dit volgens sommige publicisten (zoals onlangs Paul Brill) het ‘leidende beginsel’ is voor onze maatschappij, krijg je nooit antwoord op de vraag wat deze ideologie eigenlijk behelst. Ook dit keer niet. Het onderwerp blijft onbespreekbaar. Toch raar, voor een ‘centraal politieke doelstelling’. Ik had geschreven:

“Geachte heer Schuyt,
Hartelijk dank voor uw reactie en (gedeeltelijke) uitleg. Ik vroeg u echter niet waarom u niet ‘het grote integratievraagstuk’ in uw column hebt opgelost, maar waarom u geen aandacht hebt besteed aan de waarschijnlijke gevolgen van een zó ingrijpend samenlevingsexperiment dat zowel democratische legitimatie als maatschappelijk draagvlak ontbeert.

“De ‘multiculturele samenleving’ werd ook in de Volkskrant vaak ‘een centrale politieke doelstelling’ genoemd. Ondertussen is deze doelstelling nooit helder geformuleerd in partijprogramma’s of andere politieke of journalistieke publicaties. De burgers van ons land is ook nimmer in duidelijke bewoordingen werd uitgelegd wat de opinie- en beleidselite met dit samenlevingsexperiment voor ogen stond.

“Zelfs nu nog is men het niet eens over de wezenlijke verschillen tussen een ‘multiculturele’ en een ‘gewone’ samenleving.

Doorgaan met het lezen van “'Multiculturele samenleving' was niet democratisch gelegitimeerd.”

‘Multiculturele samenleving’ in 1991: Waar was Paul Scheffer?

In september 1991 (!) plaatste NRC Handelsblad mijn kritiek op de zogenaamde multiculturele samenleving over drie kolommen af:

“ONVREDE OVER ONBEHEERSTE GROEI GEEN XENOFOBIE”.

“De jaarlijkse toestroom van alleen al veertigduizend gezinsherenigers is meer dan hun nieuwe woonbuurten op een beetje leuke manier kunnen verwerken. Voordat men daar aan welke vorm en mate van hun integratie kan toekomen, zal toch eerst de groei van hun aantal tot inpasbare proporties moeten worden beperkt. [..] Niet alleen over de gewenste mate van integratie maar zelfs over de inhoud van dat begrip zelf voert men een bittere discussie over de hoofden van de direct-betrokkenen.

“Het automatisme van de gezinshereniging maakt een bewust en menswaardig toelatingsbeleid voor de werkelijk ernstige gevallen (de politieke vluchtelingen) veel lastiger. De haast en de onmatigheid bij het nastreven van de multiculturele en multi-etnische samenleving leiden in de concentratiegebieden tot het tegendeel van het beleden ideaal.

Doorgaan met het lezen van “‘Multiculturele samenleving’ in 1991: Waar was Paul Scheffer?”

Globalisering: ‘Solidair met de verliezers van de wereld.’

Van: Robert van Waning
Verzonden: zondag 2 juni 2002 11:44
Aan: Red Vkr Redactie
Onderwerp: Globalisering / mondialisering

Geachte heer De Bruin,

De kop boven uw artikel ‘Solidair met de verliezers van de wereld’ is de leus van veel anti-globalisten, die ik daarom ook liever ‘mondialisten’ noem (tout le monde, le monde entier).

Er is inderdaad geen sprake van een revolutie, maar van een doorbraak. Een besef dat al lang leefde bij een grote groep burgers is doorgebroken door de muren waarachter een kleine, elitaire groep van politici, journalisten en opiniemakers zich comfortabel en gezellig onder elkaar maar inmiddels totaal wereldvreemd had verschanst. Zolang men dat besef maar niet weer verliest, is er niets ernstigs aan de hand. De restauratie moet worden doorgezet.

U heeft het steeds over angst, bangheid, haat en onzekerheid, terwijl het vaak om niet meer gaat dan irritatie en onbegrip over de vermeende noodzaak van onnodige veranderingen. Ook heeft u het nog steeds over ‘links’ en rechts’, terwijl die begrippen nauwelijks meer enige gelding hebben. PvdA en VVD bekommerden zich beide om de middenklasse, dus wie van hen is er nu links of rechts?

Doorgaan met het lezen van “Globalisering: ‘Solidair met de verliezers van de wereld.’”

Het gildegewijze pensioensysteem is in strijd met flexibilisering – Brief aan Francine Gieskes (D66)

Van: Robert van Waning [mailto:rvwaning@seaportbeach.nl]
Verzonden: woensdag 1 mei 2002 19:12
Aan: TK D66 Giskes, Francine
CC: Radio1 NOS Journaal
Onderwerp: Stelsel van bedrijfstaksgewijze pensioenopbouw stamt uit tijd van gilden en ambachten

Geachte mevrouw Giskes,

Om vele redenen ben ik het eens met uw kritiek op de wijze waarop pensioenfondsen nog steeds worden beheerd en bestuurd. In het veelgeroemde Nederlandse pensioenstelsel gaat er meer fout dan u in uw korte gesprek met Ab Pilgram (?) van NOS Radio 1 Journaal van vandaag (1 mei 2002) kon of wilde aangeven.

Vrijwel dagelijks hoor ik van mijn vrouw (pensioenjuriste) achtergrondverhalen over de gang van zaken bij besturen van pensioenfondsen. Ik ben blij dat mijn geld daar in ieder geval niet verspild wordt. In verband met mijn warrige arbeidsverleden heb ik vrijwel geen pensioen in het vooruitzicht. Gezien alle verspilling kan ik daar niet rouwig om zijn, nu ik het zelf heb kunnen opbouwen.

Het gildegewijze pensioensysteem is immers in strijd met flexibilisering. Nu arbeid steeds flexibeler wordt, blijft het systeem van pensienopbouw daarbij achter. Flexibilisering van arbeid betekent nu nog dat dat voor al die vrijheid in keuze van baan en carriere een hoge prijs betaald moet worden met een tegenvallende pensioenuitkering. Een groot deel van de premies gaat op aan allerlei structurele en frictiekosten, bijvoorbeeld van overheveling van het ene pensioenfonds naar het andere.

Bedrijfstakgewijze pensioenopbouw is uit de tijd. De branchegebondenheid van pensioenopbouw stamt uit de tijd van de ambachten en categorale vakbonden. Dit systeem heeft geen band meer met de werkelijkheid. Mensen blijven tegenwoordig immers niet meer hun hele leven werkzaam in dezelfde bedrijfstak.

Doorgaan met het lezen van “Het gildegewijze pensioensysteem is in strijd met flexibilisering – Brief aan Francine Gieskes (D66)”

De markt is geen ideologie maar harde werkelijkheid – brief aan de Volkskrant – 2AUG1996

REDACTIE DE VOLKSKRANT                                                                                  AFSCHRIFT
Postbus 1002
t.a.v. Journaille

Amsterdam, 5 augustus 1996

De markt is geen ideologie maar harde werkelijkheid
(
Dirk-Jan van Baar in de Volkskrant, 2-8-1996)

Geachte redactie,

Een ideologie is het beginsel, het doel en de drijfkracht waarmee men een stelsel nastreeft en in stand wil houden. Zo kan ook het streven naar chaos een ideologie zijn die bij welslagen een nieuwe werkelijkheid oplevert, goedschiks of kwaadschiks. De ideologen zullen die werkelijkheid beschouwen als een beloning voor hun inspanningen. De nadelen en schaduwzijden vormen de prijs die nu eenmaal voor alles betaald moet worden, zij het vaak door anderen voor wie de ideologie oorspronkelijk ook niet was bedoeld. Dit maakt haar in de ogen van haar volgelingen alleen maar nóg doelmatiger en aantrekkelijker. Wij hebben dit niet gezien bij het communisme. De eerste tekenen van een soortgelijke ontwikkeling doen zich nu voor bij het soort kapitalisme dat blind op de optimaliserende werking van de geglobaliseerde markt vertrouwt.

De historicus Dirk-Jan van Baar kan vast beginnen aan een studie van deze interessante parallellen. Allerlei disciplines houden zich bezig met de toekomst maar een geschiedschrijver kan zich comfortabel bedienen van wijsheid achteraf, tenzij hij zich begeeft op het glibberige en onvoorspelbare pad van de economie. Dit doet Van Baar met zijn lofzang op de markt.

Ook de wens om het ordenend en verdelend vermogen van de markt ten volle te benutten, is wel degelijk een ideologie. De markt kan dan zelf normloos zijn, de beslissing om de samenleving over te leveren aan haar volle werking is dat bepaald niet. Overal waar het maatschappelijke darwinisme de wrede kop (weer) opsteekt, is de markt doelmatig gebleken. Waar vruchtbare grond als gevolg van ontbossing en erosie in vernietigende overstromingen naar de zee spoelt, waar drinkbaar water is vergiftigd en vervuild, waar de lucht niet meer veilig is om in te ademen en waar omgevings­herrie een ooit rustige omgeving onleefbaar maakt, daar kan de markt zich pas echt ontwikkelen. Daar kan immers eindelijk een prijs gevraagd worden voor zaken die ooit als vanzelfsprekend in overvloed voorhanden waren en alles wat niets met de markt te maken heeft en haar onbekommerde werking zou kunnen verstoren, is uitgeschakeld.

Doorgaan met het lezen van “De markt is geen ideologie maar harde werkelijkheid – brief aan de Volkskrant – 2AUG1996”