Het vaste duo Janny Groen en Annieke Kranenberg schrijft in de Volkskrant van vandaag (24/2) dat drie joodse jongeren zich “stilletjes tussen de actievoerders hadden gemengd” na afloop van de tumultueus verlopen bijeenkomst op zondagavond 22/2 jl in het Amsterdamse Apollohotel, waar de Israëlische legerwoordvoerder Ron Edelheit was ‘geschoend’.
De drie jongeren, waaronder Nathan Bouscher van ‘Gezellig Joods’ (mede-organisator van de omstreden lezing), wilden op die manier meer te weten te komen over de actie die de lezing van Ron Edelheit over de Israëlische aanval op Gaza behoorlijk in de war had geschopt.
Tijdens hun heimelijke missie in een café aan de Amsterdamse Ferdlnand Bolstraat, waar de pro-Palestijnse actievoerders elkaar na hun actie hadden getroffen, kwamen de joodse jongeren er onder andere achter dat dat de actievoerders juridisch advies hadden gevraagd aan een advocatenkantoor in Haarlem. Het gooien van schoenen is dan wel een vreedzame vorm van actievoeren, maar kennelijk wilde men zich indekken voor het geval iets of iemand daarbij zou worden geraakt.
Dit is in allerlei opzichten een mooi verhaal, dat echter wel een paar vragen openlaat:
1. Als de drie joodse jongeren zich ‘stilletjes’ hadden gemengd onder de actievoerders, hoe wisten de verslaggeefsters van de Volkskrant daar dan van? Waren zij ook in dat café waar de actievoerders bijeen waren, of hebben die drie jongens hen na afloop van hun missie gebeld en verslag uitgebracht van hun bevindingen? Kenden de verslaggeefsters Nathan Bouscher en zijn twee vrienden al van vóór deze gebeurtenis?





“Berlusconi blijft lachen,” schreef Eric Arends, VK-correspondent in Italië. Eergisteren had hij nog geschreven dat de Italiaanse minister-president in ernstige verlegenheid was gebracht door de veroordeling van de Engelse advocaat David Mills. Die had namelijk in ruil voor een forse betaling verklaringen afgelegd die Berlusconi vrijpleitten in twee corruptie- en fraudezaken.
De macht van het beeld: ‘OP NAAR HILVERSUM!’, in vette kapitalen, met daaronder een foto van een enthousiaste prinses Maxima. Allemaal op de voorpagina van De Telegraaf. Het lijkt alsof zij die tekst het publiek toeroept.