Verbannen door Dichtbij.

Omdat ik in april 2014 verbannen werd door de redactie van Dichtbij/Amstelland, verschijnt telkens de volgende mededeling als ik de webpagina van dit lokale medium bezoek:

“Je account is gebanned, je mag helaas geen reactie plaatsen. Voor meer informatie neem contact op met de redactie.”

Die ‘informatie’ heb ik nooit van de redactie van Dichtbij gekregen. Mijn herhaalde verzoeken per e-mail om die onverdiende en onterechte verbanning alstublieft eindelijk eens op te heffen, worden niet beantwoord. Het lijkt wel alsof ik iets verschrikkelijks heb gedaan. Toch is dat niet zo. Doorgaan met het lezen van “Verbannen door Dichtbij.”

Critici de mond snoeren en de oppositie verbannen, dat is wat dictators en journalisten willen.

Het vermeende recht van vrije meningsuiting op het openbare (want voor iedereen toegankelijke) discussieforum van de Volkskrant blijkt in de praktijk ingrijpend te kunnen worden beperkt door anonieme moderatoren en hun dito medewerkers.Journalistieke redacties kunnen (en mogen zelfs) willekeurig ingrijpen in de toch al beperkte mogelijkheden die burgers hebben om journalisten de tegenspraak en de kritiek te bieden die hoort bij de ‘checks and balances’ die onze democratie transparant, evenwichtig, eerlijk en rechtvaardig en dus gezond moet houden.

De gewoonte om reageerders en discussieerders op websites van media steevast aan te duiden met generaliserende en ronduit denigrerende termen als ‘reaguurders’ en ‘trollen’ duidt er op dat zij door journalistiek bij voorkeur niet als vrije en volwaardige burgers worden beschouwd.

Kritische en onwelgevallige opvattingen en meningsuitingen (het ‘kind van de democratie’) worden door redacteuren en moderatoren eenvoudigweg met het badwater van inhoudsloos gescheld weggegooid. ‘Opgeruimd staat netjes’.

Maar is het ruimen van critici, dissidenten en opposanten wel zo netjes in humaan, moreel, democratisch en rechtsstatelijk opzicht?

Doorgaan met het lezen van “Critici de mond snoeren en de oppositie verbannen, dat is wat dictators en journalisten willen.”