Ons maatschappelijk vertrouwen is weggehoond.

De Commentaargroep schrijft vandaag (24 nov): ‘Het gebrek aan vertrouwen van de consument staat niet los van het wantrouwen in de politiek.’

Het enige wat burgers van ‘de politiek’ weten, is wat de journalistiek hierover via de media aan het publiek wil vertellen. De overheersende toon daarvan is smalend, denigrerend en soms ronduit kwetsend. Het eerste wat de politiek moet doen om weer enig publiek aanzien en vertrouwen te krijgen, is ophouden met zo onderdanig te doen tegen journalisten die hen voortdurend interrumperen, woorden in de mond proberen te leggen (‘Zoudt u ook kunnen zeggen dat ..?’), en hypes maken van iedere verspreking of onoplettendheid.

Het primaat van het politieke debat behoort aan de democratisch gelegitimeerde politiek, en niet alleen aan mensen die níet zijn gekozen, niemand vertegenwoordigen, namens niemand spreken, tegenover niemand verantwoording willen afleggen en zich boven alles en iedereen en ook boven iedere vorm van kritiek verheven voelen.

Bij gebrek aan weerwerk en tegenspraak heeft de journalistiek kunnen opschuiven van een secundaire positie van verslaggever naar de positie van belangrijkste politieke meningsvormer. Het stelsel van checks and balances is nog niet aan deze nieuwe situatie aangepast. Onze democratie is zodoende uit evenwicht geraakt en gaan haperen.

Doorgaan met het lezen van “Ons maatschappelijk vertrouwen is weggehoond.”

De waakhond van onze democratie is vals

Lezer Dr. Jan Berden uit Abcoude schreef aan de hoofdredacteur van NRC Handelsblad:

“Ik moet steeds constateren dat de media er op uit zijn de overheid in een kwaad daglicht te stellen. Helaas zie ik steeds vaker dat ook deze zogenoemde kwaliteitskrant met de meute meedoet. Waar blijft uw journalistieke verantwoordelijkheid?”
(De lezer schrijft, 19/11 jl)

Hoofdredacteur Jensma antwoordde in zijn rubriek: “Ik kan me daar niet in vinden.”

Einde discussie? Ja, want journalisten discussiëren niet. Het is al heel wat als zij überhaupt reageren. Een politicus of bestuurder zou hier natuurlijk nooit mee wegkomen. Voor de journalistiek gelden in onze democratie echter andere regels. De belangrijkste is: Wij bepalen zelf onze regels, voorwaarden en verantwoordelijkheden. En: Wij hoeven tegenover niemand verantwoordelijkheid af te leggen, behalve misschien soms tegenover onze collega’s als die zo dom en oncollegiaal zijn om hun eigen nest te bevuilen. Doorgaan met het lezen van “De waakhond van onze democratie is vals”

‘Multiculturele samenleving’ in 1991: Waar was Paul Scheffer?

In september 1991 (!) plaatste NRC Handelsblad mijn kritiek op de zogenaamde multiculturele samenleving over drie kolommen af:

“ONVREDE OVER ONBEHEERSTE GROEI GEEN XENOFOBIE”.

“De jaarlijkse toestroom van alleen al veertigduizend gezinsherenigers is meer dan hun nieuwe woonbuurten op een beetje leuke manier kunnen verwerken. Voordat men daar aan welke vorm en mate van hun integratie kan toekomen, zal toch eerst de groei van hun aantal tot inpasbare proporties moeten worden beperkt. [..] Niet alleen over de gewenste mate van integratie maar zelfs over de inhoud van dat begrip zelf voert men een bittere discussie over de hoofden van de direct-betrokkenen.

“Het automatisme van de gezinshereniging maakt een bewust en menswaardig toelatingsbeleid voor de werkelijk ernstige gevallen (de politieke vluchtelingen) veel lastiger. De haast en de onmatigheid bij het nastreven van de multiculturele en multi-etnische samenleving leiden in de concentratiegebieden tot het tegendeel van het beleden ideaal.

Doorgaan met het lezen van “‘Multiculturele samenleving’ in 1991: Waar was Paul Scheffer?”